Posts tonen met het label partytime. Alle posts tonen
Posts tonen met het label partytime. Alle posts tonen

maandag 31 december 2012

The best music of 2012

Een overzicht van de beste tracks van 2012. Na zo’n beetje Azealia Banks in willekeurige volgorde. Enjoy!

Solange – Losing You
Het indie-zusje van Beyoncé met retroneigingen naar de nineties. Dit is ‘m dus, de single van het jaar. Slowdansen. Yay. Wat een fijne beat!

Major Lazer – Get Free
Soms duikt er ineens een liedje op waarvan je denkt: huh, die ken ik toch allang? Dat had ik met Get Free, een stil, breekbaar deuntje dat is gezongen door Amber van Dirty Projectors. Please repeat!

Zebra Katz - Ima Read
Hoe kaler de beat, hoe beter het lied? Wel in het geval van Zebra Katz, rapper, gay en maker van een van de beste video’s van 2012. Read that bitch!

Cat Power & Iggy Pop – Nothin’ but time
Een slepende ballad van meer dan tien minuten die plots wordt verstoord als ineens de stem van Iggy Pop opduikt. Bijzonder.

Saint Etienne – Over the Border
Ze maken al bijna twintig jaar dezelfde melancholische liedjes op lichtvoetige housemuziek. Over the Border is weer zo’n klassieker, met een prachtig spoken word intro over hoe geweldig Peter Gabriel was ten tijde van Genesis. Bijna net zo mooi is Tonight, ook van het eerste album van Saint Etienne in zeven jaar.


Chromatics - Kill for love
De titeltrack van een gemeen goed album dat op de ene track doet denken aan de doom & gloom van The Cure, en op het andere moment aan zuchtmeisjespop.

Todd Terje - Inspector Norse
Noorse spacedisco, maar dan van nu. Duizelingwekkende dancetrack.

Lianne la Havas - No Room For Doubt (feat. Willy Mason)
We all make mistakes… Maar niemand zo mooi als Liana en Willy.

Ariel Pink’s Haunted Graffiti – Baby, Nostradamus & Me
Moeilijk kiezen met Ariel Pink. Teveel goede liedjes op z’n Haunted Graffiti-project. Baby is een bijna perfecte pastiche op slepende seventies soul. Nostradamus & Me totaal iets anders: klotsende ambient met betoverende stemmen.


Tindersticks – Chocolate, Frozen
Chocolate is een prachtig praatliedje. Een ballad met gitaar en tamboerijn waar geen eind aan komt, en gelukkig maar. Frozen is z’n dreigende tegenpool, met smachtende zang, verdwaalde trompetten en een gruizig grotestadsgevoel. Zanger Stuart Staples heeft een van de mooiste stemmen van het jaar.


Pnau vs. Elton John – Sad
Het beste van seventies Elton John in de blender van Pnau en wat krijg je: pure earcandy. Nog nooit klonk Elton zo sappig zonder te zoet te worden.

Cassie – King of Hearts Nog zo’n oorwurm: King of Hearts. Alsof er iemand heel zacht met een veer in je oor kietelt terwijl je je lievelingsdansje doet.

Azealia banks – 1991
Was het maar weer 1991, denk je bij dit video-eerbetoon aan Crystal Waters, En Vogue en C+C Music Factory. En dan die muziek. Azealia’s flows zijn achteloos en desondanks recht voor z’n raap.

Madonna - I'm Addicted, Love Spent
Helaas was het niet zo’n best album waar Madonna dit jaar mee kwam. MDNA was op z’n best wisselvallig te noemen, met kutterige singles als Give Me All Your Luvin’, Girls Gone Wild (hey hey hey, hey hey, hey hey hey) en Turn Up the Radio. De plaat kende drie uitschieters: Masterpiece, een epische ballad die we al kenden van de soundtrack van W.E. uit 2011, I’m Addicted, een knetterend én to-the-point electrospektakel en Love Spent, waarin we eindelijk weer eens iets autobiografisch, iets van emotie meekrijgen uit de mond van Madonna.


The Very Best - We Ok
Hier kun je niet NIET vrolijk van worden. Meestuiteren met K’Naan en de wobbly tunes van The Very Best.

Ital Tek - Nebula Dance
2012 was het jaar waarin dubstep te commercieel werd. Gelukkig heeft het genre inmiddels zoveel vertakkingen dat dubstep allang niet meer op dubstep lijkt. Ital Tek maakt fraaie instrumentale composities met over elkaar heenrollende melodieën en voortratelende ritmes. Mooi!

El Perro del mar - Pale Fire
Haar naam betekent zowel zeehond als zeebonk, maar wat klinkt ze toch lief.

Michael Kiwanuka - I won't Lie
Een kampvuurliedje van de oude stempel. Kippenvel van die door-en-door op het gemoed spelende soulstem.

Dead Can Dance - Return of the She-king
Over oude stempel gesproken… Dead Can Dance deed van zich spreken in de 80s en 90s met onderkoelde, orchestrale bombast en is dat kunstje nooit verleerd. She-king is episch en folky tegelijk.

Grimes – Oblivion
Een van de opmerkelijkste zangeressen/artiesten van dit moment is Grimes, die met haar laptop de vrolijkste popdeuntjes tevoorschijn tovert. Onder het oppervlak van al die zoetigheid zit een laagje treurnis, zo ook bij Oblivion.

Frank Ocean – Pyramids
Na de coming-out van het jaar bracht hij met zijn album Channel Orange ook een van de grootste verrassingen op het gebied van R&B. Wat een stem, wat een inventiviteit en hoe kom je zo briljant!

Usher – Climax
Wie had ooit gedacht dat een nineties R&B-cliché die de huidige Eurodance-rotzooi zó hijgerig heeft omarmd, met zo’n fraai geproduceerde Climax zou komen? Met dank aan Diplo.

Ellie Goulding – Hangin’ On (Ft. Tinie Tempah), Anything Could Happen
Vorig jaar zorgde The Weeknd voor een nieuwe trend in R&B: vervreemdende, donkere, minimaal geproduceerde maar gelaagde downtempo tracks. Ellie Goulding liet horen dat ze dat ook heel goed kan op Hangin’ On. Haar single Anything Could Happen was andere koek: een fijne meestamper met mooi gesamplede stemfragmenten.


Sky Ferreira - Everything is Embarrassing
Waar doen die drumklappen toch aan denken… Tiffany? Debbie Gibson? Foute jaren tachtig in ieder geval. Maar wat maakt ze er iets moois van op dit meeslepende Embarrassing.

AlunaGeorge - You Know You Like It
Bouncy track van dit Britse duo, met fijne bleeps en zware bassen.

Icona Pop - I Love It
Net als AlunaGeorge komt Icona Pop nogal hipster over, maar wat maken ze een geweldige muziek. I Love It heeft bovendien zo’n beetje de grappigste lyrics van dit hele overzicht.

Jessie Ware - 110%
Zingen kan ze wel, die Jessie Ware. En knap ook, hoe je bubblegumpop zo droevig kunt laten klinken.

TNGHT – Goo
De noisy hiphopbeats van TNGHT zullen sommigen behoorlijk op de zenuwen werken. Keihard zetten en headbangen is de enige oplossing.

Daphni - Yes I know
Het begint met een boomende bassline die je meezuigt in een draaikolk van geluiden, maar wat gebeurt er dan: ineens duikt er een krakerig souldingetje op met een blaassectie. Yes I know, she told me so!

Gossip - Casualties of War
Het laatste album van Beth Ditto & co. is een beetje onderbelicht gebleven. Dat is jammer, want er staan stuk voor stuk strakke popnummers op. Casualties of War spreekt het meest tot de verbeelding, met z’n dramatische jankgitaar.

How to Dress Well – Cold Nites
Droommuziek is dit, die zowel ver weg klinkt als heel dichtbij.

Araabmuzik – Okay Y’all
Deze muziek heeft niks Arabisch in zich. Wat dan wel: instrumentale hiphopbeats. Tot voor kort nog gekoppeld aan nineties eurohouse, maar sinds dit jaar aan zelfbedachte meeslepende melodieën.

Melody's Echo Chamber - You Won't Be Missing
Indie pop met een zangeres die je eigenlijk het liefst een klein kusje zou willen geven.

R Kelly - Share My Love
Door al die idiote updates van zijn soulsoap Trapped in the Closet zou je bijna vergeten dat R Kelly ook gewoon hele goede liedjes kan maken. Share My Love is een discosong in de traditie van Barry White.

Twin Shadow - Golden Light
Nadat de eerste ijle klanken zijn weggeëbd, knalt Twin Shadow er voorzichtig een beat in en gaat dan los op het refrein. Hoe cool is Golden Light.

Nicki Minaj - Beez in the Trap
Nicki is een rapster met twee gezichten. Aan de ene kant is ze een commerciële hoer met horrorhits als Starships en gastvocalen op tracks van sterren als Madonna en Alicia Keys. Aan de andere kant is ze in staat tot pure vernieuwing, zoals ze laat horen op Beez in the Trap. BUZZZZZ!

Kindness – House
Deze mysterieuze verschijning in Londen had in een ander leven David Byrne geheten. New wave met moderne house-invloeden.

Bobby Womack – If There Wasn’t Something Here
Good old Bobby nam voor zijn comebackalbum Damon Albarn (Blur, Gorillaz) in de arm. Hij deelt zijn platenlabel met The xx en zo klinkt z’n ‘Bravest Man in the Universe’ ook een beetje. Dit nummer komt uit z’n tenen.

Dawn Richard – Scripture
Deze lijst staat vol met spooky ballads. Scripture refereert letterlijk aan Sade met die achtergrond-hallelujah’s en verder doet dit nummer denken aan Massive Attack.

Alabama Shakes - You Ain't Alone
Hier moet een (liefst ietwat wiebelige) live-video bij, want hoe vuiger de Alabama Shakes, hoe beter.

Purity Ring – Cartographist
Bij gebrek aan The Knife hadden we dit jaar gelukkig heel veel Purity Ring. Verhaspelde beats, stemmen en geluiden die toch heel samenhangend klinken. Meer!

Chad Valley – Fall For You (Ft. Glasser), Evening Surrender, I Owe You This (Ft. Twin Shadow)
Als Tears For Fears nu was opgericht, hadden ze geklonken als Chad Valley. Fall For You is een spannend duet met Glasser. Op het tropische Evening Surrender doet El Perro del Mar mee. I Owe You ten slotte klinkt superglossy.



Lemonade – Soft Kiss
Over glossy en glammy gesproken: het geluid van Lemonade ligt ook ergens in het midden van de jaren tachtig, met Climie Fisher en in de verte Scritti Politti als referentiepunten.

Passion Pit - Hideaway, Constant Conversations
Hideaway is een popding met schurende randjes. Constant Conversations lekker dubby.


Peaking Lights - Dream Beat, Beautiful Son
Zo’n track die onderhuids door blijft bubbelen, blijft daar meestal ook heel lang zitten. Dat doet Dream Beat dus ook. Beatiful Son is vooral trippy en kun je het best liggend tot je nemen.


Martha Wainwright – Proserpina
Come to Mama is Martha’s eerbetoon aan haar overleden moeder. Dit is de eerste single van dat album. Iedereen met een moeder (op aarde aanwezig of niet) vindt dit mooi.

dinsdag 17 mei 2011

Verlepte glorie - Dana International

Ik ken een stuk of vier transseksuelen in het echt. Dat zijn stuk voor stuk hele leuke meiden. De transen die je op tv ziet daarentegen, dat zijn meestal nichten met hun pik eraf. Kijk maar naar Neerlands troeteltrans Kelly, da's gewoon een relnicht in een goedkope glitterjurk. Een aantal jaren voordat Kelly haar opwachting maakte in het Big Brotherhuis (en waar tijdens de persconferentie voorafgaand aan die entree niemand van de pers haar wilde of durfde te ontmaskeren), had Nederland al kennisgemaakt met Dana International, die min of meer in de Kelly-categorie valt. En laat die nou prompt weer opduiken vorige week, in de voorrondes van het Eurovisie Songfestival (zoals ik het bij wijze van nostalgie hardnekkig blijf noemen).

Dana International. Die naam alleen al. De eerste keer dat Europa haar zag, was in 1998. Ze won het songfestival in een jurk met veren en groeide al snel uit tot een homo-icoon. Een ster ging ze worden, met internationale allure. Ze toerde heel de wereld rond met een repertoire dat bestond uit simpele dancedingetjes als Viva la Diva (het winnende lied), slecht ingespeelde covers (denk aan het genre This Is My Life en It's Raining Men) en tracks die moesten maskeren waar het Dana International aan ontbrak: een prettig stemgeluid. Na vier of vijf van die nasale liedjes wisten de meesten het wel. Niet gek dus, dat Dana's carrière alweer strandde voordat ze het zelf goed in de gaten had.

Afijn. In de tijd dat Dana heel even wereldnieuws was, werkte ik bij sQueeze. Het was de week van de Gay Games en de Eurovisiester verzorgde de openingsact. Uiteraard had sQueeze wel oren naar een interview. Samen met een collega toog ik dus naar het Americain, waar Dana en haar staff een trits kamers had geboekt. En daar lag ze, verveeld en chagrijnig, languit op een bed in een anoniem ingerichte suite. In een roze trainingspak! Oké, het jack hing open dus er was wel degelijk sprake van enige sexyness. Maar niks veren! Niks glamour! Viel dat even tegen. Het hielp ook al niet dat Dana bijna niks interessants had te melden. Een beetje nukkig begon Dana onze vragen te beantwoorden, terwijl ze af en toe een haarlok uit haar decolleté veegde.

Al met al duurde het interview een kwartier want de eikel van de platenmaatschappij (waarom zijn dat zo vaak van die zelfingenomen lulletjes, eigenlijk?) wilde afronden. We pakten net onze opnameapparaatjes in toen Dana uit haar comateuze toestand ontwaakte. Ze sprong van het bed, gaf mij en mijn collega allebei een zoen en riep ineens dat ze het een geweldig gesprek had gevonden. Nou, wij ook, Dana.

Even later stond ze plotseling bij ons in de lift. Ze moest naar boven, maar aangezien wij eerst naar beneden moesten wilde ons wel even 'joinen for a ride downstairs...' En toen zei ze het: 'Mijn kamernummer is 666 (weet ik niet meer, wilde gok) en ik ben daar en daar uitgenodigd. Gaan jullie ook mee? En na afloop ben je welkom op mijn kamer...'

Of ik het gedaan heb? Dat zullen jullie nooit weten!

Ik moest hier ineens weer aan denken toen Dana dus in al haar verlepte glorie ineens weer op tv was vorige week. Overigens is het verhaal dat ik destijds geschreven heb nog altijd op internet te vinden. Zij het in een onmogelijk slecht vertaalde Engelse versie.

donderdag 10 maart 2011

Weird, weirder, weirdest music

Allereerst de beste track van het jaar tot nu toe. Joy Division meets Grace Jones in de personen van Bruno Coviello en de geweldige zangeres Shannon Funchess. Wat een strot heeft dat wijf! Ze komen uit Brooklyn en onlangs verscheen een EP met vier tracks. Dark wave, it is. Waarvan dit dus de beste is. Keihard zetten!



Tweede is Starfucker. In de video een vreemd personage dat willekeurig aan een groep mensen likt. Maar wat zijn het voor mensen: saunagangers? En waarom zijn ze zo chagrijnig?



Nummer drie. Die Antwoord met Rich Bitch. Zangeres Yo-Landi schittert in weer een schitterend kunstwerk van deze Zuid-Afrikaanse supergroep. En ik wil ook een levende wc-rolhouder!



Heb je de bovenste drie video's bekeken, dan valt nummer vier in mijn ogen toch een beetje tegen. Lady Gaga begint in al haar weirdheid een beetje door te slaan naar het onzinnige in plaats van het absurde. Toch valt er nog genoeg te genieten met Born This Way. Wederom volledig ontraadseld door Illuminati-deskundige VigilantCitizen.

maandag 18 oktober 2010

De klysma-fontein van Leigh Bowery



Hoe val je op tijdens een bruiloft vol sketches, liedjes, stukjes en alfabetten? Met een klysma-act, dachten wij. En dan niet de suffe kliedertoestand waarmee Patty Brard zich ooit voorgoed voor schut zette, maar het échte werk. Die week ervoor had ik een verhaal gelezen over Leigh Bowery, het Britse clubfenomeen dat in de jaren tachtig de aandacht trok met zijn klysma-fontein. Men neme een liter Histor Levend Wit en een trechter. Vervolgens beklim je het podium van een dancing of middelgroot theater, buigt voorover met de rug naar het publiek en tadaa: spuiten en sproeien maar.

Uiteraard hebben we de act niet opgevoerd. Maar toen ik vorige week vertelde over Leigh Bowery, bleek niemand uit mijn gezelschap ook maar een vermoeden te hebben wie of wat Leigh Bowery was. Leigh Bowery dus. Levend kunstwerk dat taboes doorbrak. Leigh, die door Boy George ooit werd omschreven als 'moderne kunst op pootjes', brak in januari 1985 door met zijn eigen clubnight, genaamd Taboo. Al snel groeide deze avond uit tot de Britse tegenhanger van New York's Studio 54. Bowery was niet alleen bedenker van de avond, maar ook performance artist, fashion designer, acteur en model.



Gaandeweg de eigthies ging Bowery zich steeds extravaganter kleden en gedragen. In wezen is Lady Gaga kattenpis vergeleken met de bizarre, kolossale outfits waarmee deze artiest zich continu bleef vernieuwen. Begin jaren negentig scoorde hij zelfs nog een klein hitje in Nederland met de single Useless Man, met Minty als de 'sickest band in the world': ook nu kon Bowery het niet laten bij tijd en wijle het podium onder te schijten - alles in het teken van de kunst. Zijn podiumact bestond daarnaast uit een live-bevalling. Natuurlijk kreeg Bowery aids. In zijn nadagen toonde hij zijn moddervette lijf als naaktmodel en trouwde vlak voor zijn dood in 1994 met zijn hartsvriendin, Nicola Bateman.

Hoewel Bowery zelf vaak riep: 'The only reason I'm here is to make an entrance', heeft hij aardig wat wapenfeiten op z'n naam staan. Zo was hij regisseur van de baanbrekende video voor Massive Attack's Unfinished Sympathy. Verder bedacht hij podiumdecors voor U2 en verschillende modecollecties, waaronder eentje genaamd 'Pakis from Outer Space'.



Op zijn sterfbed sprak Leigh Bowery voor het laatst zijn zieke gevoel voor humor uit. 'Tell them I've gone pig farming in Bolivia', en toen was het klaar. Begin deze eeuw kwam er een musical uit over zijn leven, Taboo geheten. Boy George, op dat moment ook niet meer de slankste, leek als twee druppels water op Leigh.

Hier een tribute-site met enorm veel foto's en video's.

vrijdag 8 oktober 2010

Het verhaal van Kriebeltje

Eens, lang geleden, carpoolde ik met twee collega's van Amsterdam naar Vianen en weer terug. We werkten destijds bij het immer hectische World Online en een rit van en naar het kantoor duurde regelmatig drie kwartier tot een uur. Chauffeur Bart trakteerde ons in het begin op smooth jazz of allerlei freaky shit van Frank Zappa uit de seventies, maar dat ging al snel vervelen. Vanaf dat moment was de opdracht: hoe gekker, slomer of crappier de muziek, hoe beter.

Een periode van totale filegekte brak aan. Op de heenreis blèèèrden we mee met Baccara, de terugweg ging van start met Luv'. Al snel kenden we het repertoire van alle wanstalige damesgroepjes uit ons hoofd en schalde het over de Nederlandse snelwegen: 'You're very welcome in Waldooooooooooolalaaaaaaa', Ooohooo Ahaaaa you're such a casanooooooovaaaaa'. Of we kreunden mee met Baccara's Yes sir, I can boogie ('boogie woogie, all night loooooong'). Even tussendoor: het leukste Baccara-lied is The Devil Sent You to Lorado, vanwege de schrikeffecten van de zangeressen. Na deze zin slaken de dames een bang gilletje: 'Because he knew that you were there (Huuuh!) (Waaah!). Kijk zelf:



Het gaat in dit verhaal niet over Baccara, maar om Kriebeltje. Hoofdredacteur Henk verkondigde op een sombere dag dat zijn neef geen leven had als gay in het homovijandige Israël. Om aan zijn hel te ontsnappen kon de neef bij zijn oom aan de slag. Er werd een mooie functie voor hem verzonnen en ze leefden nog lang en gelukkig. Maar toch niet helemaal...

Even terug naar onze autoavonturen. Chauffeur Bart zat in zijn vrije tijd in een band en vervoerde alle muziekinstrumenten in de kofferbak van zijn enorme Volvo. Het duurde dan ook niet lang voordat we met z'n drieën helemaal losgingen: sambaballen, tamboerijn, het woodblock en de triangel zorgden ervoor dat onze muzikale vreugde tot het kookpunt steeg. En toen kwam het verzoek van Henk. Of zijn neef mocht meerijden.

Het mocht.

De eerste drie dagen hielden we het bij een enkele triangel-tingel of een stiekem klopje op het woodblock. Ook de muziek werd aangepast aan onze nieuwe gast: enkel en alleen nog Nederlandse meuk, zodat hij snel aan onze cultuur zou wennen. Denk hierbij aan de Dolly Dots, Frizzle Sizzle, Linda, Roos & Jessica en Bonnie St. Claire. Het duurde maar even voordat de neef zijn eerste tamboerijn vasthield en al snel was hij de gangmaker van het gezelschap. Sterker nog: hij hield niet meer op met herrie maken.

Na een tijdje begonnen verschillende dingen op te vallen. Z'n haar - nou ja haar, een kale kop met een comb-over - zat altijd slordig. Hij droeg iedere dag hetzelfde, ietwat smoezelige pak. Ook had hij elke dag hetzelfde plastic AH-tasje bij zich met daarin zijn werkspullen. Langzamerhand begon het een beetje mossig te ruiken als de neef bij ons in de auto stapte. We werden er eigenlijk een beetje kriebelig van - et voilà: zijn bijnaam was geboren.

Vanaf toen veranderde er iets. Zodra Kriebeltje op de sambaballen dook probeerden we hem af te remmen. Kriebeltje niet teveel laten bewegen, luidde het nieuwe devies. Maar hij was niet te stoppen: vanaf de achterbank smeekte Kriebeltje kirrend om Baccara als chauffeur Bart een kalmerende jazz-cd had opgezet. En daar gingen we weer...

Op een dag was Bart vrij en geen chauffeur. We zaten met Kriebeltje in de bus. Aangezien er geen muziek was, besloot Kriebeltje dat het tijd was voor een gesprek. Het werd één grote klaagzang. Zijn vriend, een veel oudere man, commandeerde hem rond en gaf hem er ongenadig van langs. Hij woonde in een huis waarvan de eigenaren hem opsloten in zijn kamer als er bezoek was. Ze parkeerden de vuilniszakken op Kriebeltjes bed: aan hem de taak het huis schoon te houden. En hij miste Israël zo: 'I wish I was dead! I wish I wasn't gay! Please let me be normal, I wish I was straight!', druilde Kriebeltje. Maar gelukkig had hij ons nog. De ritjes van en naar Vianen waren voor hem het hoogtepunt van de dag en wij waren zijn redding geweest de afgelopen weken.

De volgende ochtend kwam Kriebeltje weer naar de oppikplaats, voor de ingang van het park. Bij ons rees het vermoeden dat hij daar inmiddels menig nacht geslapen moest hebben. Ja hoor, hij stonk weer een dagje mossiger dan gisteren. En wat had hij er weer een zin in, liefst Luv' vandaag. Zo zaten we opgescheept met een steeds verder verloederende Kriebeltje, die al z'n frustraties hysterisch van zich af sambabalde. Dat laatste stukje geluk wilden, nee kónden we hem gewoon niet ontnemen.

Toen vertrok hoofdredacteur Henk naar het nieuwe hoofdkantoor in Rotterdam. Zijn neef kreeg daar weer een ander zelfverzonnen baantje. De transfer kwam als een geschenk uit de hemel. We hebben nooit meer iets van Kriebeltje vernomen.

vrijdag 24 september 2010

Oktoberfest in München

Het Münchener Oktoberfest bestaat al tweehonderd jaar, maar is de laatste twintig jaar uitgegroeid tot het grootste volksfeest ter wereld. Op de Wiesn, een megagroot plein middenin de stad, staat een ontelbare rij megatenten opgesteld die per stuk zo'n vierduizend man kunnen herbergen. Ik was er op uitnodiging van Lufthansa, die een compleet programma had samengesteld rond het feestgedruis. Met zo'n 25 andere Lufthansa-relaties, wat crewleden en Luft-communicatiemensen maakten we bij aankomst een virtuele vlucht in de vliegsimulator waar de luchtvaartmaatschappij zijn rondvliegend personeel in traint. In mijn geval simuleerden we het uitvallen van een motor. Geen idee wat ik aan het doen was, maar het toestel brak bij het landen nog net niet in tweeën. Gesimuleerd weliswaar, maar het voelde levensecht.

Maar waar het allemaal om draaide: het bierfeest natuurlijk. Met name in de weekends staan mensen om negen uur 's ochtends al rijendik en in vol ornaat te wachten totdat ze naar binnen mogen. Mannen in Lederhosen, vrouwen in Dirndl - klederdracht die vooral de laatste tien jaar erg populair is geworden, vooral onder de jongere bezoekers. Verklaring: hang naar traditie, trots op die Heimat, etc. etc. Ons gezelschap ging gekleed in roze ruitjesoverhemden met het Lufthansa-logo op de kraag, een enkeling had zich in een onflatteuze leren kniebroek gehesen. Enkele constateringen:

1. De eerste liter bier duurt het langst.
2. Na drie keer kun je het min of meer onverstaanbaar gezongen 'Ein Prosit' fonetisch prima meezingen.
3. Dat lied komt om de vijf minuten terug dus na ongeveer een uur is het gebruikelijk er dansjes bij in te studeren.
4. Na nog weer een uur lukt dat niet meer.
5. Wij zaten boven, op een soort balkon. Het uitzicht op de zaal beneden is bijna middeleeuws. In klederdracht gestoken personeel sjouwt enorme schalen gebraden hanen langs de meterslange tafels, de gasten gaan die beesten met mond en klauwen te lijf.
6. Tijdens het bachanaal komen ook kaaspretzels, augurken, worst en radijsjes voorbij.
7. De muziek: een kakelbonte aaneenschakeling van schlagers, verhoempade top40-hits, tunes van kinderseries als Heidi en Die Biene Maja, op het eerste gehoor lukraak gejodel, plus elke vijf minuten dus Ein Prosit.

Na 3,5 pul bier hielden we het voor gezien. Anderen gingen nog op zoek naar de champagnetent en keerden later terug naar 'onze' bierhal, waar het feest nog doorging tot elf uur 's avonds. En zo gaat het dus elke dag in al die tenten - nog tot en met het weekend van 3 oktober.

Volgend jaar weer? Dat niet. Maar lollig was het wel, het gehos op foute muziek. Jodelahitie!

woensdag 15 september 2010

Großartige Oktoberfesten!

Duitse Gemütlichkeit, ik ben er dol op. Maar dan wel met een rauw, sleazy, blond, schreeuwerig randje. Ina rules! En dit jaar ga ik eindelijk naar de Münchener Oktoberfesten, dus dit is alvast een fijne voorbereiding...

zondag 11 juli 2010

Brandenburger Tor



Zo uitbundig als in Nederland ging het er lang niet aan toe, afgelopen woensdag. We keken de halve WK-finale Duitsland - Spanje samen met ongeveer 300.000 anderen bij de Brandenburger Tor in Berlijn. Het was hoe dan ook een spektakel.

Om ons heen hadden de Duitsers zich uitgedost in wit-met-zwart. Hier geen oranje, maar zwart-rood-gele vuvuzela's, die - gelukkig voor de omstanders - bij de toegang tot het terrein moesten worden afgegeven. Maar ook zonder de toeters was het een oorverdovend kabaal wanneer Die Mannschaft het doel naderde.

Wat verder opviel: dat de wedstrijdschermen meer werden gezien als decor bij een avondje uit. Vergeleken met het oranjelegioen was het vrij tam. Want hoewel menigeen zich had beschilderd met Duitse vlaggen of was getooid met slingers, kwebbelde iedereen vrolijk door de wedstrijd heen. Die vrolijkheid werd na de rust al snel minder en na de uitslag liep alleen een klein groepje Spanjaarden uitgelaten te schreeuwen. De rest droop stilletjes af.

Het Fanfeest, zoals de happening bij de Tor wordt genoemd, werd in de rust nog opgeluisterd door een dansact en een deejay. Verder heb ik precies één dronken persoon gezien.

Hieronder twee filmpjes van de NOS die de stemming van die avond aardig weergeven. De foto hierboven is niet zelf gemaakt, wel zelf gegoogled.



maandag 24 mei 2010

Ray de luchtbokser

No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.
No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.
No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.
No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.

Het is alweer jáááren geleden dat 2 Unlimited huge was. Nog altijd verbaas ik me daarover, iedere dag. 2 Unlimited. De naam alleen al: iets wat schijnbaar niets betekent en alleen door succes een bepaalde lading krijgt.

Aanvankelijk was 2 Unlimited een gezichtsloos producersdingetje uit België, maar die producers hadden het slim gezien: zet er een leuk poppetje bij dat een beetje kan zingen en een mannetje dat rapt en een gouden formule is geboren. Iedereen deed dat toen, er is een hele stroming gebaseerd op dit format: van Cappella tot Captain Hollywood, van de debielen van Captain Jack tot het eveneens zeer populaire Culture Beat, het is allemaal gevangen onder de noemer eurodance.

Terug naar 2 Unlimited. Anita Dels typte parkeerbonnen over in de computer van de Amsterdamse politie. Ray Slijngaard was koksmaatje op Schiphol. Anita, die zich om onverklaarbare redenen Doth ging noemen, bleek te beschikken over precies dat schrille piepgeluid dat het goed doet op de dansvloer. Met Ray hadden de producers het minder getroffen als rapper. Hij had echter andere kwaliteiten.

Get Ready For This, Twilight Zone, Workaholic, The Magic Friend, de singles van het eerste album werden regelrechte monsterhits. Uiteraard vierde 2 Unlimited grote successen in Nederland en België, maar ook Groot-Brittannië stond op z'n kop. Waar ze daar minder blij mee waren was Ray. Zijn raps waren nauwelijks verstaanbaar en bovendien opgebouwd in een soort Havo-Engels waar je je over de grens prima mee kunt redden, maar liever geen nummer één-hit mee scoort. De Britten moesten het dan ook doen met de instrumentale versie van No Limit, dus zonder Ray de Rapper. Het was alleen maar minutenlang de stampende beat, overstuurde flipperkastgeluiden en het door Anita liefdevol ingekrijste refrein, keer op keer:

No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.
No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.
No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.
No no.
No no no no.
No no no no.
No no there's no limit.

Toch jammer, zo hebben die arme Britten toch heel wat interessante teksten moeten missen. Een kleine greep uit het rap-oeuvre van Ray.

Een strofe uit No Limit:
"Tick tick ticka tick take your time,
when I'm goin' I'm goin' for mine."


Uit Twilight Zone:
"Me and the lady howl megatone
Fuck you up in the Twilight Zone"


Uit Magic Friend:
"Don't just stand there, let's get loose
I am Ray, I've got the juice"


Een heel couplet uit Maximum Overdrive:
"Put some pressure upon the gas
I don't know how long I'm gonna last
Feel the force of the main source
The power is strong with the strength of a horse
The ultimate ride that makes you to the overdrive
Remember this only the strong survive
Bum stikkie di bum stikkie di bum stikkie di bum
Take you down to the maximum!"


Een tekst uit No One van the rap singer by the name of Ray:
"You better recognize when I pass your way
It's the techno-rap singer by the name of Ray"


Nee, echt een taalwonder was het niet. Maar zoals eerder opgemerkt: Ray had heel andere kwaliteiten. Hij kon namelijk prachtig luchtboksen. In elke video van 2 Unlimited is te zien hoe Ray zijn denkbeeldige tegenstanders op afstand houdt met zijn unieke stomptechnieken. Soms ging het richting karate als ook Rays benen in actie kwamen. Terwijl Anita haar gegier playbackte, voerde Ray in z'n eentje hele bokswedstrijden op. En dat is ook een kunst.

Het ging even minder met Ray en Anita. Heel lang eigenlijk. Ze gingen uiteen, hadden genoeg van elkaars gezelschap en kozen allebei voor een solocarrière. Anita deed dat onder meer met een lied dat de zin 'I wanna live life like life should be lived' bevatte, een tongbreker van de bovenste plank. Ray bokste nog wat solodingetjes bij elkaar, maar echt veel deed dat allemaal niet. Niks zelfs. Nu zijn Ray en Anita weer bij elkaar en proberen ze hun successen uit de periode 1991-1995 te evenaren. Ik gun ze alle geluk van de wereld en hoop stiekem op een nieuwe Jump for Joy of het bijna Simple Minds-waardige Spread Your Love (met z'n allen: Laaaaa lalalalaaaaaaaa lalalaaaaa!)

Tot slot de moves van Ray, te beginnen bij Tribal Dance. Hier is het namelijk dat Rays boksdans tot volle wasdom kwam.







Gayclub in Brussel

Afgelopen weekend was ik in Brussel om een reportage te maken voor het tijdschrift Winq (voor wie het nog niet kent: koop het nou eens! Staat gewoon bij de mannenbladen in de betere kiosk. Ook in de mindere trouwens). Wat aanvankelijk leek op een tripje vol Belgische traditie en cultuur, bleek bij nadere bestudering van het programma drie dagen keihard naar de tering gaan. Onder auspiciën van het Belgische Verkeersbureau. Drie van de zes uitgenodigde journalisten besloten dat dan ook te doen, maar aangezien ik het vooral van mijn observatievermogen moet hebben voor dit soort verhalen, heb ik me keurig ingehouden.

Wat hier volgt is een uitvoerige omschrijving van het doen en laten in een enorme gayclub. Ga er maar eens lekker voor zitten, want de ranzige details zal ik voor de verandering eens voluit benoemen. Het spektakel begon al bij het indrinken in de hotelkamer. De Tering 3 - zoals ik ze vanaf nu omschrijf - wisselden uit welke drugs ze zoal mee wilden nemen, polsten of er onder de Serieuze 3 - ik plus twee - interesse is in XTC, K of GHB en goten intussen hun bierblikken tot de rand toe vol met wodka. Dat laatste - bier met wodka - is trouwens een uitstekende combinatie om op gang te komen, zolang je de boel een beetje weet te doseren. Ook voor de Serieuze 3. Afijn, nadat de reisbegeleider ons een taxibusje had gepropt, z'n iPhone inspecteerde op mogelijk guestlist-volk en een hijs nam van z'n joint, was het op naar de Mirano, een oud theater waar met gemak zo'n 1500 man in passen.

Het is min of meer standaard dat grote clubs een doorbitch in dienst hebben. In dit geval waren het er twee: travestieten met gevaarlijke hakken en enorme blonde pruiken die elkaar proberen af te troeven in het beledigen van het publiek. Maar wij stonden natuurlijk op de gastenlijst en mochten gelijk door naar de tequilabar. Het was rond half een 's nachts dat we de Mirano betraden. Het feest was al sinds 18.00 uur in volle gang en het zou nog tot de volgende ochtend zes uur duren voor de after party begon. Die was ergens in een sekssauna, maar als je dit verhaal uitleest zul je zien dat ik nooit zover ben gekomen. De stemming zat er om half een al goed in, dat wil zeggen: de eerste mannen die ik tegenkwam stuiterden in een strak tempo op en neer in de garderoberuimte. Daarachter openbaarde zich een enorme zaal met in het midden een draaiende dansvloer. Daarover later meer.

We stelden ons op bij de eerste bar, met een Aphex Twin-achtige jongen achter de kassa. Het was er bloedheet. De Tering 3 trokken meteen hun shirt uit en begonnen in het wilde weg neukbewegingen te maken. Om ons heen alleen maar mannen, bijna allemaal identiek aan elkaar. Stuk voor stuk met een opgepompt bovenlijf, naakt en nat van het zweet. De meesten met een kaalgeschoren kop, een baard, tribal tattoos en sieraden uit de ijzerwinkel: halsbanden met spikes en dergelijke. In het gunstigste geval hadden ze een lange broek aan, maar ook dat laatste stukje decorum verdween naarmate de avond vorderde. Naast me stond een knulletje van nog geen achttien in een jockstrap, daarnaast (en dat verzin ik echt niet) een opaatje met alleen een witte luier om. Dat waren weliswaar uitzonderingen, maar de gangbare outfit was een witte slip of boxershort - hier en daar opgevuld met een sok. Of een damespanty, want dat schijn je minder goed te voelen als je iemand ongegeneerd in z'n kruis tast. Want ook dat is natuurlijk heel gewoon.

Nu is dat alles nog niet zo erg wanneer het allemaal een beetje om je heen danst, er zit zeker ook smaakvol gedecoreerde eyecandy tussen. Maar anders wordt het als zo'n vleespakhuis vol steroïden naast je komt staan om een biertje te bestellen (of iets smerigs gemixt met red bull). Deze mannen hebben namelijk al uren staan zweten en ze stinken dus al evenveel uren in de wind. Bovendien zijn ze zeiknat van dat zweet: niet alleen hun eigen zweet, maar ook dat van mannen waar ze urenlang tegenaan hebben lopen dansen en rijden. Want het was bomvol en dus overal dringen geblazen. Het duurde dan ook niet lang voor we plakkerig waren van alle rondspetterende lichaamssappen. Goor? Helemaal niet! De vorige avond was iemand namelijk zo opgewonden geraakt dat hij staande op een podium z'n lul uit z'n broek had gehaald. Nu schijnt dat vrij normaal te zijn op een gegeven moment op zo'n avond, maar dat het vervolgens tot een grande finale komt blijkt dan ineens het toppunt van smerigheid. Terwijl de meesten in zo'n mensenmassa toch al hartstikke vies zijn, waar maken ze zich dan druk om. Dat is toch een beetje raar, denk ik dan. Ook raar: naast mij stonden twee van die vleesbomen wazig voor zich uit te staren, tot het moment dat de één een hap uit de baard van de ander probeerde te nemen. Die vanzelfsprekend meteen begon te gillen als een wijf.

Anygay, daar stond ik dan in mijn Benetton-polootje de boel te becommentariëren. Met een Spaanse collega die net als ik droog probeerde te blijven, besprak ik welke beroepen de mannen die voorbij stuiterden zouden hebben in het dagelijks leven. Tandarts. Of accountant. Reisleider. Seriemoordenaar. En of ze thuis ook naar X-Factor kijken of slechts hele ranzige seks hebben de hele tijd. Toen een dwerg met z'n afgeschoren borsthaar langs mijn hand schuurde (au!) en er een natterik schuimbekkend werd afgevoerd (iew!) was de maat vol. Wij naar boven, naar het balkon dat uitzicht bood op de kolkende massa beneden in de zaal. Stel je eens voor: een oneindige kluwen halfnaakte opgepomte natte mannen die opeengepakt heen en weer deinen op de beat, en dat op een draaiende dansvloer.

Het was net een enorme wasmachine, vol krioelende, vleeskleurige maden. Time to go home.

maandag 7 december 2009

Kerstsfeer

Hè hè. Die vreselijke Diewertje Blok is weer met de zak van Sinterklaas naar Spanje vertrokken. Honderdduizenden kleine kindertjes waren weken van slag vanwege de hysterie rond vermiste pakjesboten en ander groot leed. Best zielig eigenlijk. Best zielig ook voor de winkeliers, die hun etalages en winkelvloer razendsnel moeten verbouwen omdat het hier in Nederland nu eenmaal not done is om vóór Sint al met ballen en slingers in de weer te zijn.

Goed, kerst dus. Lichtjes. Sky Radio. Alle clichés komen weer voorbij. Maar het kan ook anders. Om alvast in de stemming te komen een prachtig kerstlied van de Zangeres Zonder Naam: Hij was maar een neger. Zingt u mee?

vrijdag 4 december 2009

Fever Ray in Paradiso



Gisteren was Paradiso letterlijk in nevelen gehuld. De vaagheid begon al bij het voorprogramma. Hildur Gudnadóttir zat roerloos op het podium met een enorme cello. Wat begon als licht klassiek, eindigde in een lange, uitgerekte drone van zwaar vervormde viool- en celloklanken, begeleid door ook alweer vage laptopmuziek. Wat ook hielp: Hildur had een enorm konijnenpak aan. Zo leek het tenminste.

Het voorprogramma schoof de coulissen in en het wachten op Fever Ray begon. De lange, uitgerekte drone hield een kleine tien minuten aan en veranderde plotseling in het intro van If I Had A Heart. Intussen was heel Paradiso bedekt onder een deken rookmachinerook. Ook was er geen ontkomen aan de penetrante wierooklucht. Karin Dreijer had van haar Fever Ray-soloproject een heuse band gemaakt die was uitgerust met bizar grote hoofddeksels. Er tussenin stond Karin, onder een bizarre overkapping van lappen, takken en lichtjes. Vanuit haar boom kwam haar stem aanvankelijk niet echt mooi naar voren, maar toen ze onder het woudkostuum vandaan kroop werd het beter.

Een indrukwekkende lasershow, een donker podium en twaalf knipperende schemerlampen zorgden voor een intieme, spooky sfeer. Karin werkte in 80 minuten haar hele album af en gooide en passent een aantal covers in de strijd, waaronder een fraaie elektrobewerking van Peter Gabriels Mercy Street. Wat opviel: de stukken die ze met min of meer haar eigen stem zong klonken helder en toegankelijk, maar wanneer ze naar vocoders en andere stemvervormers greep, sloeg de muziek als het ware dicht.

Hoogtepunt was het in duet met Cecilia Nordlund gezongen Keep The Streets Empty. Zij zorgde met haar tweede stem voor kippenvel (en het plaatje hielp ook mee: op haar hoofd had ze een enorme dim sum). Ook de eerste single When I Grow Up was top. Het publiek kwam zowaar even in beweging na een verder vooral louterende luisterervaring. Ik moet toegeven: een concert van The Knife is spannender, gevarieerder en leuker. Nu Karin het project Fever Ray afsluit, is het hopen op een nieuw Knife-album plus tour begonnen.

Triangle Walks

Triangle Walks from Fever Ray on Vimeo.



If I Had A Heart

If I Had A Heart from Fever Ray on Vimeo.

vrijdag 11 september 2009

Glijbaanverslaving

Altijd leuk: een aan glijbanen verslaafde bulldog.

woensdag 1 juli 2009

The Big Picture: Glastonbury 2009







Blikken bevestigd aan modderige legerlaarzen, een bemodderde bezoeker die zich met bier overgiet, een met fakkels verlicht tentenkamp, een tipipark en een volledig uitgerust afvalsorteerbedrijf. Volgens Boston.com de hoogtepunten van het Britse Glastonbury Festival, het afgelopen weekend.

Keer op keer weet de site me te verrassen met hun Big Picture-overzichten.

Bekijk ook:
A troubled week in Iran
The 2009 Kentucky Derby
Human landscapes from above
Earth Day 2009
Scenes from the zoo

Of gewoon alles.

dinsdag 28 april 2009

Playlist: gekkenhuis in Paradiso

Elke dinsdag een nieuwe playlist met favoriete muziek. Vandaag hang ik 'm op aan de concertladder van Paradiso.

The Gossip - 24 mei
Op de site van Paradiso noemen ze zangeres eufemistisch een 'excentrieke blikvanger'. Tja. Fotogoogle maar eens op haar naam. Hun eerste single Standing in the way of control staat nog altijd in mijn favorites. Heb zin om helemaal los te gaan, nieuwsgierig ook naar de nieuwe plaat.


Lauryn Hill - 22 juni
Met Lauryn Hill kan het alle kanten op in juni. Teert ze op oude roem - haar enige echt goeie plaat uit 1998 - of staat er straks een knettergestoord wijf op het podium? Bij vorige optredens channelde ze Oprah-on-acid, compleet met bijbehorend gepreek. Maar wie weet komt ze keihard terug met een geweldig concert...


George Clinton / Parliament / Funkadelic - 29 juli
Over geniale gekte gesproken: funkheld Clinton kan er ook wat van. Al vanaf de jaren zestig toetert hij erop los. Ik ken 'm pas sinds de video van Groove is in the Heart van Deee-Lite en vind lang niet alles goed - oeverloze jamsessies zijn niet aan mij besteed. Live is George vooral cool. Zou hij z'n olifantenslurfje bij zich hebben?

donderdag 23 april 2009

Pindakaas en een ontnuchterende tramervaring

Het begon vrij eenvoudig met een avondje netwerken op een borrel bij Pindakaas. Je kent het wel: 'Yadayadayada! Hihihi! Hahaha! Jahaaaa: Kwitterkwetterkwattersnatersnatersnater? Wieisu? Tim! Amaaaai! Amaaai! Allee zunne heeookier? Lachehahahahahaha! Twitterdetwit! Kwekkerdekwek! LALALALALALALALALALA Hahaha! LOL nogkeer! Ja he? Nee he? Ja He? WelNietWelNietWelNiet! Nee nou wordt ie mooi en ophoudenkappennou! HIHIHIHIHIHIHIHIHI? Hoeisdatnou? En je collega? Biertjewijntjecocktail? WATZEGJIJALLEMAAL IKNIETVERSTAAAAAAAAN! ARTIEKUULEEEERUN! Yadayadayada bardaar drankhier kommaardoor.'

Na afloop met tram 5 naar huis, want mijn fiets zei ineens krak. Daarna werd het ingewikkeld, want in het achterste compartiment domineerden drie erg vervelende, luidruchtige K-Marokkaantjes de rest van de passagiers. Halverwege de rit spookte het ene vooroordeel na het andere door m'n hoofd, maar toen gebeurde het: een ietwat provinciaal vrouwenduo enterde de tram. De een zeeg neer naast mij, de ander op het stoeltje dat door K-M nummer twee werd verwarmd tot het moment dat zijn waterflesje door de tram vloog en hij het moest terughalen. ' Guusellug', zei K-M een. 'Ja he', zei de provinciale vrouw. 'Het is altijd gezellig in de tram. Maar nu ga ik weer naar huis want ik vind het doodeng zo 's avonds, met al dat nare gespuis', onderwijl haar tas dubbelvouwend. 'Je wordt beroofd waar je bijzit. Maar zo zijn jullie niet he?' Alledrie gaven ze geen kick meer, de rest van de reis. Zo doe je dat dus.