Posts tonen met het label gay. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gay. Alle posts tonen

dinsdag 12 mei 2015

Andere tijden – een lichtgewicht essay over Dynasty

Ongemerkt verandert er altijd van alles. Pas wanneer je afstand neemt en terugkijkt op een bepaalde periode, zie je hoe in vrij korte tijd gewoontes, situaties en leefomstandigheden totaal zijn veranderd. Het zal de vaste lezers van mijn blog niet zijn ontgaan: ik zit middenin een Dynasty-marathon. De saga, die voornamelijk draait om de strijd tussen Blake Carrington en zijn nemesis Alexis Colby, werd oorspronkelijk uitgezonden tussen 1981 en 1989. De makers van Dynasty creëerden een wereld die bijna volledig bestond uit glitter en glamour. Een eenzijdig beeld weliswaar, maar onbedoeld krijg je als kijker het tijdsbeeld van de eighties heel helder voor ogen.

Allereerst iets over de serie zelf. Scènes slepen zich minutenlang voort en gaan voornamelijk over verstoorde liefdesverhoudingen. Er zit nauwelijks humor in Dynasty. Wel veel kommer en kwel van mensen die elkaar al dan niet expres in de weg zitten of lastig vallen. Toch valt er veel te lachen om Dynasty. De steeds uitzinniger wordende outfits van Alexis. Het drankgebruik: wederom door Alexis. Er gaat bijna geen scène voorbij of ze schenkt een brandy, martini of een glas champagne in voor zichzelf. De scriptschrijvers durfden het bij het extreme karakter van Alexis wél aan om er een humoristische draai aan te geven. Een running gag is de snelheid waarmee haar P.A.'s ontslag nemen. Hun namen onthoudt ze niet eens. 'Close the door, Kyle!' 'Kyle was your former assistent. I'm Jerome.' 'Whatever. Do as I told you.'

Vergeleken met series van nu doet Dynasty wat traag aan, misschien. Aan genrehopping doen ze niet: geen spontane muzikale uitspattingen als in Ally McBeal, geen voice-overs à la Sex & The City, geen gedeelde screenshots zoals bij 24. Dat moest allemaal nog worden uitgevonden. Dynasty werd gewoon rechttoe rechtaan gefilmd, met als enige uitspatting de zoomlens en een in vaseline gedrenkte flashback. En toch staat het nog altijd als een huis.

Wat ook direct opvalt is het totale gebrek aan moderne communicatie. Op de bureaus van Blake en Alexis (die van haar met slagtanden als poten) prijkt niet eens een computer. Een in leer gebonden schrijfblok, een vergulde pen, een druktoetstelefoon en een tafelaansteker volstaan. Uiteraard is er aan boord van de privéjets en in de limo's met chauffeur wél telefoon aanwezig, maar het gemak waarmee iedereen nu naar z'n smartphone grijpt, bestond toen nog niet. Personages waren hierdoor soms weken spoorloos. Wie nu ontvoerd wordt, whatsappt gewoon even of zet op z'n minst z'n location op actief. Door ziekenhuisgangen galmt continu een intercom: 'Wil dokter Smith zich melden bij operatiekamer vier?'. En wat fijn voor de hoofdrolspelers dat er nog geen internet was. In die tijd kocht je gewoon de uitgeverij en sloot je de deuren als iemand onverhoopt een rottig boek over je wilde schrijven (uiteraard weer een actie van Alexis).

In 1981 tijd werd Dynasty zowel geprezen als verguisd vanwege de aanwezigheid van Steven Carrington. Het was min of meer de eerste prominente homorol op televisie. Er werd wat afgelebberd in de serie en heel wat naspel-sigaretten opgestoken. Maar de enige seksuele interactie van Steven bestond uit een schouderklop en een schalkse blik. Toch was dit destijds zeer controversieel. En Steven was dan misschien homo, twee van z’n vriendjes gingen dood voor het ook maar serieus werd. Ook trouwde hij twee keer met een vrouw, dus het hele gay-aspect kwam nogal schizofreen in beeld.
Maar ook de andere verhoudingen waren traditioneel. Toen Blake met Krystle trouwde, stopte ze meteen met werken. Nu kwam dat ook omdat haar werk als secretaresse niet bij haar nieuwe status paste, maar het duurde nog vier seizoenen voor ze weer aan het werk ging. In de tussentijd speelde ze het rijke vrouwtje van. Iedere dag ontbijten een nieuwe peignoir, daarna een ritje te paard (waar Alexis haar eens vanaf liet kletteren, met een miskraam als resultaat) en vooral veel bij open haarden liggen en ‘But, Blake… Ohh Blake… Blake listen to me’ fluisterend.
Toen dochter Fallon aan het werk wilde, raadde ieder haar dat sterk af. Wie zorgt er dan voor Little Blake? Ehm, het dertigkoppige personeel? Krystle, die toch de hele dag voor die open haard lag? De twee nanny’s?
De grote uitzondering was natuurlijk weer Alexis, die mannen behandelde als speeltjes en als keiharde zakenvrouw uitzonderlijk koelbloedig tekeer ging tegen wie dan ook. Gespuis dat haar thuis kwam lastigvallen, stuurde ze naar beneden via de dienstlift: ‘The báck door, ex-congresman McVane! Don’t you dare using the main entrance, you miserable has-been! Just slither back to where you came from…’

Een opvallend kenmerk van Dynasty was het totalitaire materialisme van de Carringtons en Colby’s. Ze hadden geen booreiland ergens in de Mexicaanse Golf, maar gewoon de hele Zuid-Chinese zee. Krystle en Alexis liepen rond in enorme nertsmantels. Zelfs in huis hield Alexis haar bontmutsen op. Naarmate de seizoenen verstreken werden de schoudervullingen steeds breder. Op een gegeven moment lag Alexis zelfs kaviaar te vreten in de gevangenis. Voor haar kleinkinderen nam ze pluche beesten mee die groter waren dan haarzelf. Tijdens een soirée van Krystle en Blake liep ze de keuken in en declameerde: ‘Waterkers is voor giraffen’, en eiste ze (alweer) kaviaar. Blake bekogelde zijn vrouw met colliers, diamanten ringen, edelstenen en cabrio’s. Zoon Adam kreeg als welkomstcadeau een glimmende Ferrari. De Carrington Mansion had 48 kamers, met daarin onder meer een ‘gym’, waar de mannen in kleine glimmende broekjes hun fitness-oefeningen deden. De eerder genoemde privéjets waren ingericht als boudoirs. Alexis had een 20-persoons jacuzzi in haar penthouse. Blakes halfzus Dominique Deveraux boekte een aparte kamer voor haar garderobe: ‘I don’t sleep IN my clothes and I will certainly nog sleep WITH my clothes’. Toen Krystle al haar dure spullen had verkocht omdat Blake financieel door een dal ging, riep hij: ‘But these were MYYYYYY gifts!’. En zo zijn er nog veel meer voorbeelden. Nu was dit voor toen al uitzonderlijk, maar dergelijke poenerigheid, daar kom je nu zeker niet meer mee weg.

Dat is een ander teken des tijds: het totale gebrek aan duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Sustainability is het woord van deze tijd en dat sijpelt langzaam door in alle geledingen van de samenleving. Zelfs in soaps wordt volop verantwoord geleefd. De laatste grote productie op de Nederlandse tv ging over een familie met een bloemenkas. Op allerlei manieren sijpelt er politieke correctheid door in series. Waar Alexis steevast een cigarillo opstak als haar iets dwars zat (en dat was zo’n beetje in elke scène) wordt tegenwoordig alleen in Mad Men nog volop gepaft. Waar de Peta mekkert om een bontkraagje van een Olsen Twin, kon je de 192 pootjes van de nertsen in Krystles mantel tellen.

Uiteindelijk moest Dynasty het zelf ook met minder doen. Omdat de kijkcijfers na seizoen zes dramatisch kelderden, werd het budget teruggeschroefd. De actrices kregen bescheidener outfits. De inmiddels peperdure Joan Collins mocht steeds minder vaak komen opdraven als Alexis. Het ging eigenlijk al mis aan het einde van seizoen vijf. Als cliffhanger hadden de schrijvers bedacht dat Alexis tot koningin van Moldavië zou worden gekroond. Dochter Amanda trouwde met de prins. Tijdens het huwelijk pleegden guerilla’s een staatsgreep die uitmondde in een shoot-out van de gehele cast. Maar bij de start van seizoen zes bleken alleen Stevens vriendje en een mislukte love interest van Blake het loodje te hebben gelegd. Een aflevering lang hielden ze de kijker in spanning, want waar was Alexis? Nou, die zat thuis te mokken omdat ze geen salarisverhoging had gekregen.
Waarom de kijkcijfers precies kelderden is niet zo vreemd. De verhaallijnen werden steeds idioter. Zo kreeg Krystle een dubbelganger die haar plaats innam, terwijl de echte Krystle wekenlang zat vastgebonden op een zolder. Fallon verdween weer eens, om terug te komen met het verhaal dat ze door aliens was ontvoerd. Verder liepen er allerlei personages in de serie rond zonder dat duidelijk werd wat ze er deden. Zo’n Dominique Deveraux bijvoorbeeld. Wat kwam zij nou helemaal doen? Of Sable, de nicht van Alexis? Haar zus Caress? Ze hadden voor vetes moeten zorgen, maar zonder sterke verhaallijnen draaiden hun rollen uit op niets.
Verder maakten de networks liever goedkopere comedyseries, die voor veel minder geld meer kijkers trokken. De Cosby Show bijvoorbeeld, en allerlei andere om gezinnen draaiende shows als Family Ties en Who’s The Boss.
En zo ging Dynasty na negen seizoenen als een nachtkaars uit. Er volgde nog een reüniespecial van anderhalf uur. Hierin dook ineens de eerste Steven Carrington op, acteur Al Corley. Hij was uit de serie gestapt vanwege de ongeloofwaardigheid van zijn continue geaardheidswisselingen. In een breed uitgesponnen verhaallijn kreeg Steven het nieuwe gezicht van een nieuwe acteur, nadat hij gruwelijk verminkt was geraakt bij een ongeluk op een olieplatform. Maar voor de reünie hadden ze hem doodleuk terugveranderd. Dergelijke soapwetten (het veranderen van acteurs voor dezelfde rol, het snel ouder laten worden van kinderen, etcetera) zijn nu gemeengoed. Toen sprak men er nog schande van.

Al met al is Dynasty leuk om opnieuw te bekijken. Helemaal als je het tegen het licht houdt van de veranderende maatschappij en de rol die televisie daarbij heeft gespeeld. En nog stééds speelt.

dinsdag 28 augustus 2012

Een avondje nieuw tv-seizoen

Ik weet het, op deze plek laat ik de laatste tijd schromelijk weinig van me horen. Op de een of andere manier ontbreekt het aan zin, tijd, inspiratie of hoe je het ook wilt noemen. En soms is het nu eenmaal fijn om als een zak aardappelen voor de tv te hangen.

Zoals gisteravond. Het nieuwe tv-seizoen is begonnen, wat betekent dat zowel de commerciële als publieke omroepen weer een enorme bak nieuwe pulp over de kijker uitstorten. Met name SBS Nederland heeft een hoop te winnen. De laatste jaren zijn de zenders SBS6, NET5 en Veronica door RTL naar de achtergrond gedrukt. Zo'n beetje alle nieuwe initiatieven draaiden uit op flops. Ze proberen het tij nu te keren met plat volksvermaak als Sterren Springen op Zaterdag, waarvan ik gisteren de herhaling zag.

Het is er allemaal weer hoor. Gerard Joling in een glitteroverhemd die zijn hit Shangri-La heeft verbasterd tot Theme Tune. Derderangs celebs als Jody Bernal die het moeten opnemen tegen 'tv-diva' Patty Brard. Het idee om BN'ers kunstjes te laten doen lijkt achterhaald, maar scoort nog altijd. Zeker als het gaat om kunstjes die live worden uitgevoerd en redelijk riskant zijn, zoals schoonspringen. Aanvankelijk dacht ik: jammer dat er water in dat zwembad zit. Maar toen Patty plat op haar bek voorover klapte voelde ik toch een soort van medelijden. Of was het stiekem toch leedvermaak?

Eerder die avond liep ik me al te ergeren aan De Modepolitie 2.0 op RTL5. Hoewel het presentatieduo vooraf wilde beweren dat ze niemand afzeiken met het programma en dat ze mensen wilden hélpen, was de toon toch te vals. Want intussen deden de makers het wel, maar dan heel gemeen achteraf via de voice-over. Terwijl een meisje wegvluchtte voor modetypjes Manon Meijers en Thijs Willekes (Thijs Wileenkus voor intimi. Waar is trouwens de Haarpolitie als je hem nodig hebt?), luidde het begeleidende commentaar: 'Daar was toch niks meer aan te redden.' Hoezo, geen afzeik-tv?

SBS6 probeerde het intussen met een fictieve talkshow, waarin de Gooische Vrouwen-karakters Martin Morero (Peter Paul Muller) en zijn tante Cor (Beppie Melissen) gasten ontvingen in hun protserige villa. Een soort Villa Felderhof, maar dan met nietszeggende types als rapper Lange Frans, die met zijn Amsterdamse accent overigens feilloos liet horen hoe slecht die Martin het Mokums imiteert. Lange Frans en Ireen Wüst deden hun best als gasten, maar hadden het zichtbaar moeilijk met het geschmier van de acteurs. Maar zoals het echte sterren betaamt gold ook voor hen: wat er ook gebeurt, altijd blijven lachen.'

Vlak daarna was het tweede seizoen van Wie Trouwt Mijn Zoon van start gegaan op SBS6. Dit jaar niet met de empathische Robert ten Brink, maar met de wat kleurloze Eric van der Hoff. In al zijn wanstaltigheid is het programma een schot in de roos. Wat WTMZ pijnlijk duidelijk maakt is hoeveel jonge mannen een totaal gestoorde relatie met hun moeder hebben. Zo lagen moeder Ansje en zoon Angelo innig verstrengeld samen op een bank, terwijl Ansje de bilpartij van Angelo uitvoerig betastte. Dat lijkt me niet helemaal normaal. Zij was ook degene die het hardst meehielp een partner voor haar zoon uit te zoeken. Haar oog was gevallen op een veel oudere kerel, waar Angelo niets van moest hebben. Maar ja, als mamma het wil... De overige jongemannen leken weliswaar minder onder de plak te zitten bij hun ouders, maar toch had je continu het gevoel dat er iets grondig niet klopte.

Het voert te ver om hier ook nog het supergescripte Mijn Vieze Vette Verloofde te bespreken, of de emo-crap van Memories en Het Familiediner. En dat er intussen ook nog een complete politieke strijd gaande is, gaat grotendeels aan me voorbij. Gekrakeel in vooropgezette oneliners waar oranje mannetjes met Mozart-haar doorheen schreeuwen, het doet me niks. Liever keken we nog even naar Estelle Gullit, die door Evert Santegoeds werd bevraagd over Badr Hari en Ruud Gullit. Als een ware prinses Diana zei ze over het vreemdgaan van Ruud: '3 is a little bit crowded. Maar ïk heb geen getal genoemd.' Nee echt ladylike juffrouw Hari zal nooit worden. Even later liet Estelle horen dat ze een echt nichtje was van Johan, met de Cruijffiaanse uitspraak: 'Weet je Evert, liefde doet liefde vergeten.' Mooi hoor.

Of ik een van de bovenstaande programma's blijft volgen? Nog geen idee. Eerst de pulp maar eens laten inwerken. Wie Trouwt Mijn Zoon maakt voorlopig de grootste kans.

dinsdag 31 juli 2012

First date

Zaterdag. We zitten bij Ruis onder de Bomen. Of letterlijk: onder de luifel, want de regen plenst met bakken tegelijk naar beneden. Aan de tafel naast ons zit een stelletje, overduidelijk nog in de leren-kennen-fase. Dat kun je zien, want van de twee voert de jongen het hoogste woord. Hij, een niet onknappe knul van een jaar of vijfentwintig, probeert haar, een beetje een nuffig dametje, overduidelijk uit de tent te lokken. De grote vraag is of zij behaarde jongens aantrekkelijk vindt.

'Kijk, gays vinden dus altijd dat ik dit moet scheren.' Demonstratief trekt de jongen z'n v-hals een stuk naar beneden en begint met z'n andere hand aan zijn borsthaar te rukken. 'Gays vinden dit dus smerig, als het er helemaal uithangt zoals bij mij. Maar ik ga het echt niet scheren hoor. Niet voor de gays. Ik hoef toch niet in l'Homo.'

'Maar het puilt uit je shirt.'

'Ja, nou? Moet ik het dan toch scheren dan? Vind jij het soms ook smerig? Nou, ik vind mannen die hun haar scheren gay. Dat je de boel daar beneden een beetje bijhoudt, ok. Dan lijkt ie nog groter ook. Maar ik ga toch ook niet m'n benen scheren? Dat is iets voor wielrenners. Als je kale benen hebt kun je harder fietsen. Dat scheelt vast een paar tiendes van seconden. Maar als je amateur-wielrenner bent is het sneu en als je helemaal niet wielrent is het gay.'

'Maar homo's scheren hun benen toch niet. Behaarde benen vinden ze juist mannelijk.'

'Potten scheren hun benen ook niet. En hun oksels. Vrouwen met okselhaar zijn lesbisch. Hou jij het wel goed bij eigenlijk? Ik vind stoppels misschien nog wel viezer dan gewoon lange haren. Jij bent een vrouw, dus is het logisch dat je je scheert. Hoe zit het eigenlijk met je punani?'

Intussen kijkt het meisje verstoord om zich heen. Dat hij z'n hele harige hebben en houden op tafel gooit wil toch niet zeggen dat zij dat ook doet? Ze hapt naar adem en zegt:

'Borsthaar vind ik eigenlijk best wel een beetje goor.'

Onder de bomen op het Van der Helstplein slaat de regen steeds feller tegen de klinkers. Dit wordt nooit meer wat, na deze eerste date.

dinsdag 24 januari 2012

Vakantiebejaarden in Eilat

Eilat. Een Israëlisch toeristengat. Helemaal bovenin het uiterste puntje van de golf van Aqaba en vlak naast de grens met Jordanië ligt een klein stadje met daaromheen alleen maar gebergte en woestijn. Het water van de Rode Zee werkt al jaren als een lap op de stier van menig Europeaan. Van februari tot en met december is het hier vergeven van de Russen, Engelsen en – hoe kan het ook anders – Nederlanders.

Behalve in januari. Dan zijn er alleen wat weekenders uit het noorden van Israel die in Eilat hun keppeltje komen luchten. Een handvol Russen, omdat Russen namelijk de nieuwe Nederlanders zijn: die zijn ook overal. Maar de oude Nederlanders zijn er ook, en dat kun je letterlijk nemen. Op een paar uitzonderingen na zijn ze 65-plus.

Wij gaan meestal buiten het seizoen om op vakantie. Lekker rustig. Geen gezinnen met dreinende kinderen. Geen luidruchtige jongeren. Maar wel heel veel bejaarden dus. En die kunnen ZEUREN. Echt, overal zeuren ze over. Het begint al bij het inchecken. ‘Moet je dat mens daar zien. Die koffer is groter dan haarzelf. Gaat ze soms verhuizen?’ ‘Vast niet. Wie wil er nou in Israel wonen?' 'Ja, de zon is fijn, maar die mensen. Altijd zo onbeschoft met hun gebrabbel.' 'Als ik iemand niet kan verstaan dan denk ik altijd dat ze het over mij hebben.’ ‘Ja, zó onbeleefd.’

Eenmaal aan boord is het al niet veel beter. Het is te koud of te warm, het opstijgen gaat niet snel genoeg of juist te hard (‘Wat weer een ellende. Ik kiep bijna uit mijn stoel,’). ‘Vroeger mocht je tenminste nog gewoon roken aan boord. Nu moeten we vier uur wachten. VIER UUR!’ ‘Waarom moet je nu alweer naar de wc. Ik blijf maar opstaan. Kun je niet gewoon nu één keer goed gaan?’ ‘Die jongen daar is al zeker drie keer naar de wc geweest. Je zou er maar naast zitten. Doodmoe word ik ervan!’ ‘Wat? Moeten we betalen voor de koffie? Ach, die was toch al niet te zuipen. Ik drink wel water op de wc.’

‘Wat is het hier koud. Vorig jaar rond deze tijd waren we hier ook en toen was het veel warmer. En kan die airco uit? Dat is nu helemaal niet nodig. Ik heb toch al m’n winterjas aan. En waarom hobbelt dat busje zo? Al het ontbijt komt weer naar boven. Waar ze negen dollar voor vroegen. NEGEN DOLLAR! Mooi dat ik dat dus wél binnen probeer te houden. Wat een zonde van het geld. Vorig jaar hadden ze veel meer keus. Maar ja, dat was ook in een ander hotel. Halfpension hadden we toen. Maar dat doen we niet meer. Elke dag hetzelfde buffet met alleen maar van dat vieze kosjere vreten. Maar hier is het ook niet te doen. Er zijn niet eens plakjes ham om op brood te doen.’

‘En nu moeten we alwéér dat hele eind naar Petra. Want vorig jaar was het te druk om alles te zien. Dus moeten we nu nog een keer. Opgeteld bij elkaar kom je zomaar uit op 250 euro per persoon. En dat voor een paar ouwe rotsblokken. En natuurlijk moet Henk weer de hele tijd plassen. Ik zeg nog tegen Henk, ik zeg: ga nou even achter die struiken in het begin waar geen bewaking staat, maar dat dorst ie niet! Terwijl ik gewoon ga zitten hoor. Ik hang er gewoon zo’n lap voor. Zo eentje die ik op een markt heb gekocht. O ja, een hoofddoek heet dat. Zijn ze toch nog ergens goed voor. Maar ook in heel dat Petra is natuurlijk weer geen fatsoenlijke kop koffie te krijgen.’

‘Vorig jaar ook al niet. Toen had ik mijn eigen koffie meegenomen. Ja, gewoon in een thermoskan. Ik zeg nog tegen Henk, ik zeg, dat moeten we dit jaar ook weer doen. Maar Henk zei tegen mij, hij zei: weet je nog dat ik vorig jaar om het half uur moest pissen omdat die koffie van jou zo sterk was? Ja, kon ik ook niet weten. Ik had mijn koffiefilterschep niet bij me dus moest het op de gok. En van gokken houden we niet, hè Henk? Ja, wel van bingo. Maar het entertainment in Eilat dóet geen bingo. Nee, dan hadden we naar Spanje gemoeten. Daar is tenminste fatsoenlijk entertainment. Hier was dit jaar niet eens een kennismakingsbijeenkomst! Nu moesten we zelf alle nieuwe stellen bij het zwembad langs om kennis te maken.’

‘Er lagen ook twee jongens bij ons zwembad. Van die homo’s, dat zag je zo. Vinden we altijd heel gezellig hoor, homo’s. Maar dit waren geen leuke homo’s. Ze zeiden bijna niks terug nadat ik ze had uitgelegd waar je wél lekkere koffie kon halen! En toen ik zei dat ik homo’s altijd zo gezellig vond, zei de ene: nou, er zijn anders genoeg ongezellige homo’s hoor. En daarna zette hij z’n koptelefoon op!'

'De andere wilde wel aardig doen, dat zag je zo. Ik zei nog tegen hem, ik zei: ga nooit bij Giraffes eten. Daar hebben ze niet eens patat, maar van die rare rijstdingen. Soezie en zo. Daar is niks aan, en al helemaal niet in Eilat. Die ene jongen met de koptelefoon zei toen dat ie juist dol was op soezie. Gewoon om mij te sarren. Nee, voor mij was de lol er helemaal af. Voor straf heb ik de rest van de vakantie geen woord meer tegen ze gezegd. Ja, ik weet zeker dat ze dat héél jammer vonden.’

dinsdag 17 januari 2012

Homotherapie

De Inspectie voor de Gezondheidszorg stelt een onderzoek in naar een organisatie die therapie zou aanbieden waarin homo’s leren hun ‘zondige’ geaardheid te onderdrukken.

Ja ja. Het staat er echt. Als tegenwicht daarvoor bied ik mijn diensten aan: mensen die zich als hetero onderdrukt voelen kunnen hier juist homo worden. Let wel: het gaat niet alleen om uiterlijk vertoon. We gaan je complete geaardheid veranderen. Als Tot Heil Des Volks het kan, kunnen wij het zeker!

Het pakket bestaat uit een cursus 'Leer Voguen als Madonna', een proseccoproeverij en het perfect stylen van een Ken-Barbiepop. Voor het serieuze datingwerk krijgen kandidaten een account op Gaydar, Grindr en Gayromeo en op de eerste date via een oortje opdrachten ingefluisterd: 'NU over Lady Gaga beginnen!' 'Zeg tegen je date dat z'n haar op dat van dingetje van Glee lijkt' (verzin hier een acteur naar keuze).

Voor de liefhebber zijn er niet-verplichte cursussen als 'Iedereen kan zingen als Cher-met-autotune' en 'Metamorfoos jezelf als Liza Minnelli.' Sowieso doen we veel aan drag, want in iedere homo schuilt immers een diva?

Uiteraard kan de cursist zich overal voor verzekeren. Meer algemene zaken als 'leren lopen als een homo' (zo hetero mogelijk maar wél op Prada-hakken) en 'leren eten als een homo' (cock) worden standaard vergoed door het basispakket. Ook alle gebruikelijke grooming maakt daar deel van uit: de spray tan, de body hair trimmer en de anusbleekset.

In de aanvullende verzekeringspakketten zitten de minder gebruikelijke gaygerelateerde zaken als kaartjes voor de Toppers (vanzelfsprekend krijgen alle aantoonbaar homoseksuele mannen korting), kniebeschermers voor op de parkeerplaats, de cursusfilms Philadelphia/The Wizard of Oz/Abba in Australië/A Single Man, Crisco, een basisabonnement op XTube en het kookboek 'Natural Harvest'. En vergeet ook het Gay Pride-pakket niet, met een leren veterslip, een supersoaker en een verenboa.

Ik moet nog even een marketingconcept schrijven en een businessplan, maar aanmelden is nu al mogelijk via @jbartelds op Twitter.

zaterdag 31 december 2011

Happy twintigtwaalf!

Van bloggen is het de laatste tijd niet veel gekomen. Druk met andere zaken. Voor volgend jaar beloof ik hier weer wekelijks iets neer te pennen. Of ik die belofte ook daadwerkelijk hard ga maken zien we dan wel weer.

Tot die tijd: geniet net als ik van dit prachtige, geweldige, bloedstollende nummer van de Irrepressables uit 2008. Het stond het hele jaar bovenaan vele playlists en de video van kunstcollectief PAG is een lust voor het oog.



Hier nog een keer, in een langere versie en met de originele videoclip.

woensdag 10 augustus 2011

Gay Pride 2011 versus Gay Games 1998

De buurmannen van drie deuren verderop hebben hun regenboogkleurige homovlag nog buiten hangen. De rest van de gays in onze straat heeft niet gevlagd. Hadden we dat met z'n allen wel gedaan, dan had iedereen kunnen zien dat we hier bijna onze eigen versie van Blue Movie* kunnen naspelen. Zóveel wonen er hier. Dat klinkt overigens spannender dan het is, want daar zijn we met z'n allen veel te gezapig voor geworden. En dan heb ik het vooral over mezelf, natuurlijk.

Lees bijvoorbeeld hoe ik de gay pride het afgelopen weekend heb gevierd. Vrijdagavond op een bootje de grachten doorgevaren. Zaterdagmiddag met nog zo'n vijftig anderen bij vrienden die op de Prinsengracht wonen de boten aan ons voorbij laten gaan - zowel letterlijk als figuurlijk. Daarna opnieuw op een bootje, vanwaar de lieftallige Nienke en ik een ietwat teleurstellende komkommer-act hebben opgevoerd. Rond 19.00 uur uit eten - nee, geen snelle, kleffe hap kebab zoals ik vroeger zou doen, maar op stand in een klasserestaurant - en vervolgens een plasstop op kantoor. Ik ga natuurlijk niet in zo'n ondergelopen piskruis staan. Tot slot nog even brallen bij een barretje in de buurt van de Amstel. Het entertainment: de paraplu in mijn hand met een doodskop als handvat die willekeurige voorbijgangers ophield en aan het lachen probeerde te maken.

De zondag vulde zich met uitslapen, tv kijken, sushi eten en een laatste feestelijke stuiptrekking op het Rembrandtplein, waar X-Factorsterren en deejays de boel nog even aan de gang hielden. En toen was het uit met de pret. Geen wilde Rapido-feesten meer, en ook niet losgaan in de Trut.

Al met al klinkt het nog best gezellig (toch?), en dat was het zeker ook. Maar wat een enorm verschil met dertien jaar geleden! Die eerste augustusweek van 1998 stond niet alleen in het teken van Gay Pride, maar van een complete Gay Games. Een hele week lang stond het centrum van Amsterdam volledig op z'n kop. Ons huis bood plaats aan een horde logees uit het verre Brabant, maar van slapen kwam niet veel. Overdag werkten we bij de Daily Friendship, een krantje dat iedere dag onder het gayminnende publiek verspreid werd. 's Avonds en 's nachts was het één groot feest.

Tijdens die avonden kwamen we de gekste types tegen. Troeteltrans Kelly was toen nog Ferry. Niels en ik deden onze toen al niet meer wekelijkse Jermaine Jackson & Pia Zadora-act op het in hoogte verstelbare minipodium in de Montmartre. Om toeristen te pesten vroegen we kerstliedjes aan van Mariah Carey, die prompt gedraaid werden. Ook kwam ik een groepje lesbo's tegen waarvan ik er overdag eentje had geïnterviewd. 's Middags durfde ik het nog niet, maar eenmaal in extase heb ik toch even aan haar zorgvuldig gecultiveerde baardharen getrokken. Daarna dansten we tot diep in de nacht op een White Party in de Heineken Music Hall of op spontaan georganiseerde feesten. Het gíng maar door!

Eén avond herinner ik me in het bijzonder. Het was de nacht dat stellen van hetzelfde geslacht symbolisch met elkaar in het huwelijk traden, iets wat pas vanaf 2001 officieel zou mogen. Een paar herinneringen lopen door elkaar heen, en de volgorde komt anno nu wat onrealistisch over, maar het gebeurde toch écht zo. Voordat we naar een fraai aangeklede trouwzaal in het sjieke Krasnapolsky togen, maakten we een omtrekkende beweging naar de RoXY. De legendarische discotheek maakte z'n naam waar, die avond. Als bizarre act werd er namelijk live op het podium gefistfucked. Dat het een lieve lust was, ook nog. In een grote cirkel stond het publiek met uitpuilende ogen en opengesperde monden toe te kijken hoe twee uitermate gespierde, kaalgeschoren nichten in de weer gingen met Crisco en poppers. We zagen het een tijdje aan, maar toen we vuistdiep in de voorstelling zaten vonden we het welletjes.

Op naar Kras, op naar de trouwende stelletjes. Een groter contrast was nauwelijks denkbaar. De versmeltende geur van goedkope campingboter en rotte eieren tegenover de snoezige snorretjeshomo's en potten in Dietrich-pakken die elkaar met tranen in de ogen een ongeldig ja-woord gaven.

De gayvlag hangt er nog. Ik weet precies waar ik moet zijn. Zal ik even langsgaan om een kopje, eh, boter te lenen?

*Blue Movie: film waarin Hugo Metsers II de hele tijd aanbelt bij buurvrouwen en ze vervolgens aan z'n lans rijgt.

woensdag 22 juni 2011

Andere tijden – een lichtgewicht essay over Dynasty



Ongemerkt verandert er altijd van alles. Pas wanneer je afstand neemt en terugkijkt op een bepaalde periode, zie je hoe in vrij korte tijd gewoontes, situaties en leefomstandigheden totaal veranderen. Het zal de vaste lezers van mijn blog niet zijn ontgaan: ik zit middenin een Dynasty-marathon. De saga, die voornamelijk draait om de strijd tussen Blake Carrington en zijn nemesis Alexis Colby, werd oorspronkelijk uitgezonden tussen 1981 en 1989. De makers van Dynasty creëerden een wereld die bijna volledig bestond uit glitter en glamour. Een eenzijdig beeld weliswaar, maar onbedoeld krijg je als kijker het tijdsbeeld van de eighties heel helder voor ogen.

Allereerst iets over de serie zelf. De scènes slepen zich minutenlang voort en gaan voornamelijk over verstoorde liefdesverhoudingen. Er zit bovendien nauwelijks humor in Dynasty. Toch valt er veel te lachen, bijvoorbeeld om de steeds uitzinniger wordende outfits van Alexis. Het vele drankgebruik: wederom vooral door Alexis. Er gaat bijna geen scène voorbij of ze schenkt een brandy, martini of een glas champagne in voor zichzelf. De scriptschrijvers durfden het bij het extreme karakter van Alexis blijkbaar wél aan om er een humoristische draai aan te geven. Een running gag is de snelheid waarmee haar P.A.'s ontslag nemen. Hun namen onthoudt ze niet eens. 'Close the door, Kyle!' 'Kyle was your former assistent. I'm Jerome.' 'Whatever. Do as I told you.'

Vergeleken met series van nu doet Dynasty wat traag aan, misschien. Aan genrehopping doen ze al helemaal niet: geen spontane muzikale uitspattingen zoals we die kennen van Ally McBeal, geen voice-overs à la Sex & The City, geen gedeelde screenshots zoals bij 24. Dat moest allemaal nog worden uitgevonden. Dynasty werd gewoon rechttoe rechtaan gefilmd, met als enige uitspatting de zoomlens en een in vaseline gedrenkte flashback. En toch staat de show nog altijd als een huis.

Wat ook direct opvalt bij het terugkijken van Dynasty is het totale gebrek aan moderne communicatie. Op de bureaus van Blake en Alexis (die van haar met slagtanden als poten) prijkt niet eens een computer. Een in leer gebonden schrijfblok, een vergulde pen, een druktoetstelefoon en een tafelaansteker volstaan.
Uiteraard is er aan boord van de privéjets en in de limo's met chauffeur wél telefoon aanwezig, maar het gemak waarmee iedereen nu naar z'n smartphone grijpt, bestond toen nog niet. Personages waren hierdoor soms weken spoorloos. Wie nu ontvoerd wordt, whatsappt gewoon even of zet op z'n minst z'n location op actief.
Door ziekenhuisgangen galmt continu een intercom: 'Wil dokter Smith zich melden bij operatiekamer vier?'. En wat fijn voor de hoofdrolspelers dat er nog geen internet was. In die tijd kocht je gewoon de uitgeverij en sloot je de deuren als iemand onverhoopt een rottig boek over je wilde schrijven (wat uiteraard weer een actie van Alexis was).

In 1981 tijd werd Dynasty zowel geprezen als verguisd vanwege de aanwezigheid van Steven Carrington. Het was min of meer de eerste prominente homorol op televisie. Er werd wat afgelebberd in de serie en ook heel wat naspel-sigaretten opgestoken. Maar de enige seksuele interactie van Steven bestond uit een schouderklop en een schalkse blik. Toch was dit destijds zeer controversieel. En Steven was dan misschien homo, twee van z’n vriendjes gingen dood voor het ook maar serieus werd. Ook trouwde hij twee keer met een vrouw, dus het hele gay-aspect kwam nogal schizofreen in beeld.
Maar ook de andere verhoudingen waren traditioneel. Toen Blake met Krystle trouwde, stopte ze meteen met werken. Nu kwam dat ook omdat haar werk als secretaresse niet bij haar nieuwe status paste, maar het duurde nog vier seizoenen voor ze weer aan de slag ging. In de tussentijd speelde ze het rijke vrouwtje van. Iedere dag ontbijten een nieuwe peignoir, daarna een ritje te paard (waar Alexis haar eens vanaf liet kletteren, met een miskraam tot gevolg) en vooral veel bij open haarden liggen, al fluisterend: ‘But, Blake… Ohh Blake… Blake listen to me’...
Toen dochter Fallon aan het werk wilde, raadde ieder haar dat sterk af. Wie zorgt er dan voor Little Blake? Ehm, het dertigkoppige personeel? Krystle, die toch de hele dag voor die open haard lag? De twee nanny’s?
De grote uitzondering was natuurlijk weer Alexis, die mannen behandelde alsof het speeltjes waren en als keiharde zakenvrouw uitzonderlijk koelbloedig tekeer ging tegen wie dan ook. Gespuis dat haar thuis kwam lastigvallen, stuurde ze naar beneden via de dienstlift: ‘The báck door, ex-congresman McVane! Don’t you dare using the main entrance, you miserable has-been! Just slither back to where you came from…’



Een opvallend kenmerk van Dynasty was het totalitaire materialisme van de Carringtons en Colby’s. Ze hadden geen booreiland ergens in de Mexicaanse Golf, maar gewoon de hele Zuid-Chinese zee. Krystle en Alexis liepen rond in enorme nertsmantels. Zelfs in huis hield Alexis haar bontmutsen op. Naarmate de seizoenen verstreken werden de schoudervullingen steeds breder. Op een gegeven moment lag Alexis zelfs kaviaar te vreten in de gevangenis. Voor haar kleinkinderen nam ze pluche beesten mee die groter waren dan haarzelf. Tijdens een soirée van Krystle en Blake liep ze de keuken in en declameerde: ‘Waterkers is voor giraffen’, en eiste ze (alweer) kaviaar. Blake bekogelde zijn vrouw met colliers, diamanten ringen, edelstenen en cabrio’s. Zoon Adam kreeg als welkomstcadeau een glimmende Ferrari. De Carrington Mansion had 48 kamers, met daarin onder meer een ‘gym’, waar de mannen in kleine glimmende broekjes hun fitness-oefeningen deden. De eerder genoemde privéjets waren ingericht als boudoirs. Alexis had een 20-persoons jacuzzi in haar penthouse. Blakes halfzus Dominique Deveraux boekte een aparte kamer voor haar garderobe: ‘I don’t sleep IN my clothes and I will certainly not sleep WITH my clothes’. Toen Krystle al haar dure spullen had verkocht omdat Blake financieel door een dal ging, riep hij: ‘But these were MYYYYYY gifts!’. En zo zijn er nog veel meer voorbeelden. Nu was dit voor toen al uitzonderlijk, maar dergelijke poenerigheid, daar kom je nu zeker niet meer mee weg.

Dat is een ander teken des tijds: het totale gebrek aan duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Sustainability is het woord van deze tijd en dat sijpelt langzaam door in alle geledingen van de samenleving. Zelfs in soaps wordt volop verantwoord geleefd. De laatste grote productie op de Nederlandse tv ging over een familie met een bloemenkas. Op allerlei manieren sijpelt er nu politieke correctheid door in series. Waar Alexis steevast een cigarillo opstak als haar iets dwars zat (en dat was zo’n beetje in elke scène) wordt tegenwoordig alleen in Mad Men nog volop gepaft. Waar de Peta mekkert om een bontkraagje van een Olsen Twin, kon je de 192 pootjes van de nertsen in Krystles mantel letterlijk tellen.

Uiteindelijk moest Dynasty het zelf ook met minder doen. Omdat de kijkcijfers na seizoen zes dramatisch kelderden, werd het budget teruggeschroefd. De actrices kregen bescheidener outfits. De inmiddels peperdure Joan Collins mocht steeds minder vaak komen opdraven als Alexis. Het ging eigenlijk al mis aan het einde van seizoen vijf. Als cliffhanger hadden de schrijvers bedacht dat Alexis tot koningin van Moldavië zou worden gekroond. Dochter Amanda trouwde met de prins. Tijdens het huwelijk pleegden guerilla’s een staatsgreep die uitmondde in een shoot-out van de gehele cast. Maar bij de start van seizoen zes bleken alleen Stevens vriendje en een mislukte love interest van Blake het loodje te hebben gelegd. Een aflevering lang hielden ze de kijker in spanning, want waar was Alexis? Nou, die zat als Joan Collins thuis te mokken omdat ze geen salarisverhoging had gekregen.
Waarom de kijkcijfers precies kelderden is niet zo vreemd. Naast de hierboven genoemde slag om Moldavië werden alle verhaallijnen werden steeds idioter. Zo kreeg Krystle een dubbelganger die haar plaats innam, terwijl de echte Krystle wekenlang zat vastgebonden op een zolder. Fallon verdween weer eens, om terug te komen met het verhaal dat ze door aliens was ontvoerd. Verder liepen er allerlei personages in de serie rond zonder dat duidelijk werd wat ze er deden. Zo’n Dominique Deveraux bijvoorbeeld. Wat kwam zij nou helemaal doen? Of Sable, de nicht van Alexis? Haar zus Caress? Ze hadden voor vetes moeten zorgen, maar zonder sterke verhaallijnen draaiden hun rollen uit op niets.
Verder maakten de networks liever goedkopere comedyseries, die voor veel minder geld meer kijkers trokken. De Cosby Show bijvoorbeeld, en allerlei andere om gezinnen draaiende shows als Family Ties en Who’s The Boss.
En zo ging Dynasty na negen seizoenen als een nachtkaars uit. Er volgde nog een reüniespecial van anderhalf uur. Hierin dook ineens de eerste Steven Carrington op, acteur Al Corley. Hij was na seizoen 2 uit de serie gestapt vanwege de ongeloofwaardigheid van zijn continue geaardheidswisselingen. In een breed uitgesponnen verhaallijn kreeg Steven het nieuwe gezicht van een nieuwe acteur, nadat hij gruwelijk verminkt was geraakt bij een ongeluk op een olieplatform. Maar voor de reünie hadden ze hem doodleuk terugveranderd. Dergelijke soapwetten (het veranderen van acteurs voor dezelfde rol, het snel ouder laten worden van kinderen, etcetera) zijn nu gemeengoed, maar toen sprak men er nog schande van.

Al met al is Dynasty leuk om opnieuw te bekijken. Helemaal als je het tegen het licht houdt van de veranderende maatschappij en de rol die televisie daarbij heeft gespeeld. En nog stééds speelt.

dinsdag 17 mei 2011

Verlepte glorie - Dana International

Ik ken een stuk of vier transseksuelen in het echt. Dat zijn stuk voor stuk hele leuke meiden. De transen die je op tv ziet daarentegen, dat zijn meestal nichten met hun pik eraf. Kijk maar naar Neerlands troeteltrans Kelly, da's gewoon een relnicht in een goedkope glitterjurk. Een aantal jaren voordat Kelly haar opwachting maakte in het Big Brotherhuis (en waar tijdens de persconferentie voorafgaand aan die entree niemand van de pers haar wilde of durfde te ontmaskeren), had Nederland al kennisgemaakt met Dana International, die min of meer in de Kelly-categorie valt. En laat die nou prompt weer opduiken vorige week, in de voorrondes van het Eurovisie Songfestival (zoals ik het bij wijze van nostalgie hardnekkig blijf noemen).

Dana International. Die naam alleen al. De eerste keer dat Europa haar zag, was in 1998. Ze won het songfestival in een jurk met veren en groeide al snel uit tot een homo-icoon. Een ster ging ze worden, met internationale allure. Ze toerde heel de wereld rond met een repertoire dat bestond uit simpele dancedingetjes als Viva la Diva (het winnende lied), slecht ingespeelde covers (denk aan het genre This Is My Life en It's Raining Men) en tracks die moesten maskeren waar het Dana International aan ontbrak: een prettig stemgeluid. Na vier of vijf van die nasale liedjes wisten de meesten het wel. Niet gek dus, dat Dana's carrière alweer strandde voordat ze het zelf goed in de gaten had.

Afijn. In de tijd dat Dana heel even wereldnieuws was, werkte ik bij sQueeze. Het was de week van de Gay Games en de Eurovisiester verzorgde de openingsact. Uiteraard had sQueeze wel oren naar een interview. Samen met een collega toog ik dus naar het Americain, waar Dana en haar staff een trits kamers had geboekt. En daar lag ze, verveeld en chagrijnig, languit op een bed in een anoniem ingerichte suite. In een roze trainingspak! Oké, het jack hing open dus er was wel degelijk sprake van enige sexyness. Maar niks veren! Niks glamour! Viel dat even tegen. Het hielp ook al niet dat Dana bijna niks interessants had te melden. Een beetje nukkig begon Dana onze vragen te beantwoorden, terwijl ze af en toe een haarlok uit haar decolleté veegde.

Al met al duurde het interview een kwartier want de eikel van de platenmaatschappij (waarom zijn dat zo vaak van die zelfingenomen lulletjes, eigenlijk?) wilde afronden. We pakten net onze opnameapparaatjes in toen Dana uit haar comateuze toestand ontwaakte. Ze sprong van het bed, gaf mij en mijn collega allebei een zoen en riep ineens dat ze het een geweldig gesprek had gevonden. Nou, wij ook, Dana.

Even later stond ze plotseling bij ons in de lift. Ze moest naar boven, maar aangezien wij eerst naar beneden moesten wilde ons wel even 'joinen for a ride downstairs...' En toen zei ze het: 'Mijn kamernummer is 666 (weet ik niet meer, wilde gok) en ik ben daar en daar uitgenodigd. Gaan jullie ook mee? En na afloop ben je welkom op mijn kamer...'

Of ik het gedaan heb? Dat zullen jullie nooit weten!

Ik moest hier ineens weer aan denken toen Dana dus in al haar verlepte glorie ineens weer op tv was vorige week. Overigens is het verhaal dat ik destijds geschreven heb nog altijd op internet te vinden. Zij het in een onmogelijk slecht vertaalde Engelse versie.

maandag 4 april 2011

De homodocent

Op de lagere school had ik een docent, een meester zoals wij hem noemden, die voor dorpse begrippen een tikje flamboyant was. En dat is nog zacht uitgedrukt. De meester, we zullen 'm voor het gemak maar even Gerrit noemen want zo heette hij nou eenmaal, had het uiterlijk van een teddybeer. Een forse buik, een bolle toet, een volle berenbaard en een guitige oogopslag. Met die oogopslag kon Gerrit diverse kunstjes. Als je hem op een willekeurig moment recht aankeek, sprong z'n gezicht in een grimas en gaf hij je een vet aangezette knipoog. Vertelde je iets dat Gerrit oninteressant vond, dan zag je dat aan het wegdraaien van zijn ogen.

Maar Gerrit kon meer dan kunstjes met zijn gezicht. Gerrit was namelijk hyper-, über-, megamuzikaal. Zo regelde hij muziekles voor alle leerlingen die niet bij hem in de klas zaten. Op een bepaald uur in de week kwam Gerrit dan binnenfladderen. Hij toverde zijn blokfluit tevoorschijn en leerde ons de meest onmogelijke oud-Hollandse liedjes. 'Daar was een wuf dat spon'. 'Ik ben de herder welgemoed die de koeien op zijn weide hoedt.' Waar de leerlingen bedremmeld meemurmelden, zong Gerrit voor, uit volle borst! Een ander spelletje dat Gerrit graag met de leerlingen mocht uithalen, was het zingen van canons. Dan verdeelde hij de klas in tweeën en moesten we meerstemmig aan de slag met het Deense 'Rosen Fra Fuun' of toonladders tegen elkaar in zingen.

Dan was er het volksdansen. Tijdens oudermiddagen hoste Gerrit in een boerenkiel over het schoolplein, met een sliert kinderen in zijn kielzog: alsof hij de rattenvanger van Hamelen himself was. Stilzitten kon Gerrit ook. Zo vertelde hij het verhaal van The Sound of Music als een wekelijks feuilleton. Het heeft zeker een maand of negen geduurd voor de Von Trapps de Alpen overstaken, en in de tussentijd vermaakte hij ons met do-re-mi en andere liedjes uit de film. Die ik nog steeds niet uit mijn kop krijg.

Het was een schijtdorpje van niks waar ik op school zat. Gerrit was dan ook 'the only gay in the village'. Als negenjarig jongetje kon ik moeilijk beredeneren waarom, maar bij het huwelijk met zijn al even op een beer lijkende vrouw heb ik me nooit iets kunnen voorstellen. Of het huwelijk stand heeft gehouden? Geen idee. Maar op Hyves ziet Gerrit er erg blij uit in z'n hippe neonkleurige tanktop, z'n zilveren armband en z'n glimketting. Of Gerrit écht gay was, weet ik natuurlijk niet. Maar hij zorgde voor tralala in een duffe omgeving en dat vind ik achteraf erg grappig.

donderdag 10 maart 2011

Weird, weirder, weirdest music

Allereerst de beste track van het jaar tot nu toe. Joy Division meets Grace Jones in de personen van Bruno Coviello en de geweldige zangeres Shannon Funchess. Wat een strot heeft dat wijf! Ze komen uit Brooklyn en onlangs verscheen een EP met vier tracks. Dark wave, it is. Waarvan dit dus de beste is. Keihard zetten!



Tweede is Starfucker. In de video een vreemd personage dat willekeurig aan een groep mensen likt. Maar wat zijn het voor mensen: saunagangers? En waarom zijn ze zo chagrijnig?



Nummer drie. Die Antwoord met Rich Bitch. Zangeres Yo-Landi schittert in weer een schitterend kunstwerk van deze Zuid-Afrikaanse supergroep. En ik wil ook een levende wc-rolhouder!



Heb je de bovenste drie video's bekeken, dan valt nummer vier in mijn ogen toch een beetje tegen. Lady Gaga begint in al haar weirdheid een beetje door te slaan naar het onzinnige in plaats van het absurde. Toch valt er nog genoeg te genieten met Born This Way. Wederom volledig ontraadseld door Illuminati-deskundige VigilantCitizen.

zaterdag 12 februari 2011

Smetteloze Ton en smerige Bas

Voor ik mijn huidige vriend leerde kennen, had ik een serie kortstondige affaires. Stuk voor stuk hele leuke kerels natuurlijk. Maar sommigen hadden iets vreemds. Een tic, of gewoon iets heel bizars. Kort na elkaar leerde ik twee types kennen die in alles elkaars tegenpool waren.

We beginnen met Ton. Dat is niet zijn echte naam, maar wel bijna. Ton was docent op een basisschool en zo zag hij er ook uit. Zijn dagelijkse kledij bestond uit keurige schoenen en een frisgewassen trui. Zijn al even frisgewassen hoofd had dat guitige waar verder alleen Jochem van Gelder mee wegkomt. Z'n knalblauwe kijkers stonden al even fris in dat vrolijke hoofd.

Ton woonde in een soort tandartsenpraktijk. Alles was er van roestvrij staal, behalve de strakleren bank en de lichtgroene linoleum vloer die door z'n hele huis lag. Dat laatste was beslist niet fijn als je met je blote voeten uit bed stapte, maar dat gebeurde dan ook nooit. Ton vond het namelijk vies dat er overal zweetvoetafdrukken op het linoleum zouden komen, dus aan mij het verzoek een paar gastpantoffels aan te schaffen. Nieuw natuurlijk, want je zou maar met pantoffels aan komen zetten die met andere, gevaarlijke, met kattenharen bedekte of anderszins vervuilde vloeren in aanraking waren gekomen.

Ton had een hele lijst regels: schoenen uit op de gang. Gingen we eten afhalen, dan mochten de plastic bakjes onder geen beding direct op het aanrecht worden gezet: eerst een placemat pakken, die afwassen, dan de onderkant van de bakjes afwassen en op de placemat placeren. Gebruikte je de kraan, dan gelieve deze daarna af te drogen met een wegwerpdoekje. Ton kon trots vertellen dat hij de hele zondag bezig was geweest met het afnemen van de lamellen, met spiritus en alcohol. Het hele huis rook naar een combinatie van chloor, ontsmettingsmiddel en andere schoonmaakmiddelen. Gelukkig kon er maar weinig vies worden, want Ton had geen spullen die in de weg stonden, laat staan van die vieze, zuurstof producerende planten. Alles was strak, kaal en smetteloos.

Tot er op een dag een grote dikke kat in het trapportaal zat. Ik was uit geweest en bleef voor het gemak bij Ton slapen. Die lag al in bed, dus ik maakte hem wakker met de vrolijke mededeling: 'Moet je kijken wie ik bij me heb?' Op mijn arm de woest tegenspartelende kat, die kans zag te ontsnappen en de woonkamer inrende. Ton schoot als door een adder gebeten uit bed, rende – op blote voeten, een saillant detail – de kat achterna en joeg hem luid joelend het huis uit. Ik stond er een beetje schaapachtig bij te kijken hoe hij z'n hele woonkamer volzette met emmers sop, dweilgerei en andere schoonmaakspullen. De eerste keer heb ik meegeholpen, maar Ton heeft een week lang zijn hele huis twee keer per dag grondig moeten reinigen voordat hij zich weer een beetje op z'n gemak voelde.

Exit Ton, enter Bas. Over Bas moet ik eerst vertellen dat ik hem al een keer had gesproken, in het Utrechtse openbaar vervoer. Ik was op weg naar een studiegenoot, in mijn handen zo'n gratis doorzichtig Albert Heijn-tasje met daarin twee kipfileetjes. Dit lijkt onbelangrijk, maar komt terug aan het eind van dit verhaal, goed onthouden dus. Ik hing in het gangpad en Bas zat op de bank naast me. Hij observeerde me van top tot teen, dus ik besloot hetzelfde bij hem te doen. Bas was een Pirate of the Carribean avant-la-lettre: hij had woest, lang, asblond haar, een slordige stoppelbaard en een laconieke oogopslag zoals je die ook wel tegenkomt bij zwervers die je een straatkrant proberen te verkopen. Hij droeg gevaarlijke cowboylaarzen, een versleten spijkerjack en dito spijkerbroek, zij het in een andere grauwzwarte kleur.

Al met al maakte hij in al z'n slonzigheid zo'n diep mysterieuze indruk, dat ik besloot naast hem te gaan zitten. We raakten in gesprek over de kipfilets, ik vertelde waar ik studeerde, Bas dat hij iets wazigs deed in de ICT. Daarna zwaaide hij me uit omdat ik er uit moest. Breed lachend keek hij me na, waarbij hij ook nog een hoektand bleek te missen.

We maken een tijdsprong van ongeveer een half jaar. Tijdens een avond stappen stond Piraat Bas plotseling voor m'n neus, z'n haar nog langer en woester dan de vorige keer, maar nu wel keurig geschoren. Hij droeg min of meer dezelfde kleding en bij nadere inspectie bleek de ontbrekende hoektand een kies te zijn geweest.

Een paar dagen later spraken we af, op mijn verzoek bij hem thuis. Dat vergde enig aandringen. Bij aankomst bleek precies waarom. Bas woonde in het meest verwaarloosde interieur dat ik ooit heb gezien, geheel in stijl ook nog eens in een van de gruiziger stadsdelen van Utrecht.

Gek genoeg – maar god zij dank – was Bas erg schoon op zichzelf. De waslijn vol zwartgrijze kleren benam in eerste instantie het zicht op de rest van het huis, maar dit is ongeveer wat ik aantrof. Eerst de keuken. Op het aanrecht pannen vol aangekoekte etensresten, borden met beschimmelde macaroni, rijstkorrels in alle hoeken, gaten en plinten, werkelijk overal waar je keek. Over de kraan hing een grauw uitgeslagen theedoek. Overal halfvolle glazen met een schuimkraag erop of juist een vel.

De woonkamer stond ook vol met glazen en borden. Zelfs onder het kussen van een van de gestoffeerde – en plakkerige, nee kléverige – fauteuils vond ik een bord, deze keer met bedorven spaghetti. Het vloerkleed – vol vlekken natuurlijk – lag bezaaid met proppen papier, gebruikte zakdoeken, lege flessen en repen afgescheurd behang. De muren waren beplakt met afbladderende posters. De ramen ook trouwens, bij gebrek aan gordijnen.

Tot slot de slaapkamer. Het bed lag erbij als een oase van kraakheldere ordentelijkheid tussen hopen hoog opgetaste kleding. Onder het bed uiteraard weer de inmiddels herkenbare borden met schimmelpasta, glazen met schuim of een vel, papieren servetten, verhuisdozen vol niet direct herkenbare spullen, lampekappen, allerhande tuingereedschap, enzovoort enzovoort enzovoort.

Aangezien het bed de schoonste plek in huis was, werd dit het centrum van ons gezamenlijke bestaan. Als het eten werd bezorgd – koken was onmogelijk – aten we de pizza's zittend op het bed. Muziek luisteren? De stereo in de aanpalende woonkamer hard en wij op een berg kussens, in bed. De sporadische opdrachten van mijn opleiding tikte ik in bed, nou ja, het beeld is duidelijk.

Ik vond het eigenlijk wel leuk, deze vorm van kamperen. Tot Bas met de mededeling kwam dat hij 'misschien weer' een vieze besmettelijke huidziekte had opgelopen, 'vlak voordat ik jou leerde kennen'. Op advies van de huisarts moest hij zich insmeren met een witte zalf, en ik uit voorzorg ook. We besloten een week binnen te blijven. Het mag duidelijk zijn: voor mij was de maat vol. Er moest acuut iets gebeuren: de hele vieze teringzooi ging eruit.

De week van het grote ontsmetten brak aan. De fauteuils en alle andere meubels die bij aanraking uit elkaar donderden hebben we rigoureus uit het raam gesmeten. Bas kocht een stofzuiger en bikte met een schroevendraaier de overgebleven rijstkorrels tussen de plinten vandaan. Alle aangekoekte vaat ging in een vuilniszak, de keuken kreeg een totale make-over, we zetten zakken en dozen vol zooi bij de straat. Na een week zwoegen lag er alleen nog een berg papier in een hoek van de slaapkamer 'waar dingen op staan die ik misschien moet onthouden'.

En zo was het dat ik een handgeschreven briefje tegenkwam met daarop de tekst: 'Hallo, jongen met de kipfilets. Laatst zag ik je in de bus. We hebben veel te kort met elkaar gepraat en ik zou je graag nog eens zien. Bel je me? 030-XXXXXXX, Bas.' Had ie willen ophangen in het gebouw waar ik mijn lessen volgde. De vertedering die dat opleverde was slechts van korte duur. Bas verviel in z'n oude gewoontes en toen het huis weer dreigde te verloederen was het hoog tijd om te gaan.

Ik heb de twee verhalen in de verkeerde volgorde verteld, want niet lang daarna ontmoette ik Ton. Maar nu ik er achteraf op terugkijk vond ik de bende bij smerige Bas minder ellendig dan de tandartsenpraktijk van smetteloze Ton...

maandag 18 oktober 2010

De klysma-fontein van Leigh Bowery



Hoe val je op tijdens een bruiloft vol sketches, liedjes, stukjes en alfabetten? Met een klysma-act, dachten wij. En dan niet de suffe kliedertoestand waarmee Patty Brard zich ooit voorgoed voor schut zette, maar het échte werk. Die week ervoor had ik een verhaal gelezen over Leigh Bowery, het Britse clubfenomeen dat in de jaren tachtig de aandacht trok met zijn klysma-fontein. Men neme een liter Histor Levend Wit en een trechter. Vervolgens beklim je het podium van een dancing of middelgroot theater, buigt voorover met de rug naar het publiek en tadaa: spuiten en sproeien maar.

Uiteraard hebben we de act niet opgevoerd. Maar toen ik vorige week vertelde over Leigh Bowery, bleek niemand uit mijn gezelschap ook maar een vermoeden te hebben wie of wat Leigh Bowery was. Leigh Bowery dus. Levend kunstwerk dat taboes doorbrak. Leigh, die door Boy George ooit werd omschreven als 'moderne kunst op pootjes', brak in januari 1985 door met zijn eigen clubnight, genaamd Taboo. Al snel groeide deze avond uit tot de Britse tegenhanger van New York's Studio 54. Bowery was niet alleen bedenker van de avond, maar ook performance artist, fashion designer, acteur en model.



Gaandeweg de eigthies ging Bowery zich steeds extravaganter kleden en gedragen. In wezen is Lady Gaga kattenpis vergeleken met de bizarre, kolossale outfits waarmee deze artiest zich continu bleef vernieuwen. Begin jaren negentig scoorde hij zelfs nog een klein hitje in Nederland met de single Useless Man, met Minty als de 'sickest band in the world': ook nu kon Bowery het niet laten bij tijd en wijle het podium onder te schijten - alles in het teken van de kunst. Zijn podiumact bestond daarnaast uit een live-bevalling. Natuurlijk kreeg Bowery aids. In zijn nadagen toonde hij zijn moddervette lijf als naaktmodel en trouwde vlak voor zijn dood in 1994 met zijn hartsvriendin, Nicola Bateman.

Hoewel Bowery zelf vaak riep: 'The only reason I'm here is to make an entrance', heeft hij aardig wat wapenfeiten op z'n naam staan. Zo was hij regisseur van de baanbrekende video voor Massive Attack's Unfinished Sympathy. Verder bedacht hij podiumdecors voor U2 en verschillende modecollecties, waaronder eentje genaamd 'Pakis from Outer Space'.



Op zijn sterfbed sprak Leigh Bowery voor het laatst zijn zieke gevoel voor humor uit. 'Tell them I've gone pig farming in Bolivia', en toen was het klaar. Begin deze eeuw kwam er een musical uit over zijn leven, Taboo geheten. Boy George, op dat moment ook niet meer de slankste, leek als twee druppels water op Leigh.

Hier een tribute-site met enorm veel foto's en video's.

vrijdag 8 oktober 2010

Het verhaal van Kriebeltje

Eens, lang geleden, carpoolde ik met twee collega's van Amsterdam naar Vianen en weer terug. We werkten destijds bij het immer hectische World Online en een rit van en naar het kantoor duurde regelmatig drie kwartier tot een uur. Chauffeur Bart trakteerde ons in het begin op smooth jazz of allerlei freaky shit van Frank Zappa uit de seventies, maar dat ging al snel vervelen. Vanaf dat moment was de opdracht: hoe gekker, slomer of crappier de muziek, hoe beter.

Een periode van totale filegekte brak aan. Op de heenreis blèèèrden we mee met Baccara, de terugweg ging van start met Luv'. Al snel kenden we het repertoire van alle wanstalige damesgroepjes uit ons hoofd en schalde het over de Nederlandse snelwegen: 'You're very welcome in Waldooooooooooolalaaaaaaa', Ooohooo Ahaaaa you're such a casanooooooovaaaaa'. Of we kreunden mee met Baccara's Yes sir, I can boogie ('boogie woogie, all night loooooong'). Even tussendoor: het leukste Baccara-lied is The Devil Sent You to Lorado, vanwege de schrikeffecten van de zangeressen. Na deze zin slaken de dames een bang gilletje: 'Because he knew that you were there (Huuuh!) (Waaah!). Kijk zelf:



Het gaat in dit verhaal niet over Baccara, maar om Kriebeltje. Hoofdredacteur Henk verkondigde op een sombere dag dat zijn neef geen leven had als gay in het homovijandige Israël. Om aan zijn hel te ontsnappen kon de neef bij zijn oom aan de slag. Er werd een mooie functie voor hem verzonnen en ze leefden nog lang en gelukkig. Maar toch niet helemaal...

Even terug naar onze autoavonturen. Chauffeur Bart zat in zijn vrije tijd in een band en vervoerde alle muziekinstrumenten in de kofferbak van zijn enorme Volvo. Het duurde dan ook niet lang voordat we met z'n drieën helemaal losgingen: sambaballen, tamboerijn, het woodblock en de triangel zorgden ervoor dat onze muzikale vreugde tot het kookpunt steeg. En toen kwam het verzoek van Henk. Of zijn neef mocht meerijden.

Het mocht.

De eerste drie dagen hielden we het bij een enkele triangel-tingel of een stiekem klopje op het woodblock. Ook de muziek werd aangepast aan onze nieuwe gast: enkel en alleen nog Nederlandse meuk, zodat hij snel aan onze cultuur zou wennen. Denk hierbij aan de Dolly Dots, Frizzle Sizzle, Linda, Roos & Jessica en Bonnie St. Claire. Het duurde maar even voordat de neef zijn eerste tamboerijn vasthield en al snel was hij de gangmaker van het gezelschap. Sterker nog: hij hield niet meer op met herrie maken.

Na een tijdje begonnen verschillende dingen op te vallen. Z'n haar - nou ja haar, een kale kop met een comb-over - zat altijd slordig. Hij droeg iedere dag hetzelfde, ietwat smoezelige pak. Ook had hij elke dag hetzelfde plastic AH-tasje bij zich met daarin zijn werkspullen. Langzamerhand begon het een beetje mossig te ruiken als de neef bij ons in de auto stapte. We werden er eigenlijk een beetje kriebelig van - et voilà: zijn bijnaam was geboren.

Vanaf toen veranderde er iets. Zodra Kriebeltje op de sambaballen dook probeerden we hem af te remmen. Kriebeltje niet teveel laten bewegen, luidde het nieuwe devies. Maar hij was niet te stoppen: vanaf de achterbank smeekte Kriebeltje kirrend om Baccara als chauffeur Bart een kalmerende jazz-cd had opgezet. En daar gingen we weer...

Op een dag was Bart vrij en geen chauffeur. We zaten met Kriebeltje in de bus. Aangezien er geen muziek was, besloot Kriebeltje dat het tijd was voor een gesprek. Het werd één grote klaagzang. Zijn vriend, een veel oudere man, commandeerde hem rond en gaf hem er ongenadig van langs. Hij woonde in een huis waarvan de eigenaren hem opsloten in zijn kamer als er bezoek was. Ze parkeerden de vuilniszakken op Kriebeltjes bed: aan hem de taak het huis schoon te houden. En hij miste Israël zo: 'I wish I was dead! I wish I wasn't gay! Please let me be normal, I wish I was straight!', druilde Kriebeltje. Maar gelukkig had hij ons nog. De ritjes van en naar Vianen waren voor hem het hoogtepunt van de dag en wij waren zijn redding geweest de afgelopen weken.

De volgende ochtend kwam Kriebeltje weer naar de oppikplaats, voor de ingang van het park. Bij ons rees het vermoeden dat hij daar inmiddels menig nacht geslapen moest hebben. Ja hoor, hij stonk weer een dagje mossiger dan gisteren. En wat had hij er weer een zin in, liefst Luv' vandaag. Zo zaten we opgescheept met een steeds verder verloederende Kriebeltje, die al z'n frustraties hysterisch van zich af sambabalde. Dat laatste stukje geluk wilden, nee kónden we hem gewoon niet ontnemen.

Toen vertrok hoofdredacteur Henk naar het nieuwe hoofdkantoor in Rotterdam. Zijn neef kreeg daar weer een ander zelfverzonnen baantje. De transfer kwam als een geschenk uit de hemel. We hebben nooit meer iets van Kriebeltje vernomen.

vrijdag 24 september 2010

Oktoberfest in München

Het Münchener Oktoberfest bestaat al tweehonderd jaar, maar is de laatste twintig jaar uitgegroeid tot het grootste volksfeest ter wereld. Op de Wiesn, een megagroot plein middenin de stad, staat een ontelbare rij megatenten opgesteld die per stuk zo'n vierduizend man kunnen herbergen. Ik was er op uitnodiging van Lufthansa, die een compleet programma had samengesteld rond het feestgedruis. Met zo'n 25 andere Lufthansa-relaties, wat crewleden en Luft-communicatiemensen maakten we bij aankomst een virtuele vlucht in de vliegsimulator waar de luchtvaartmaatschappij zijn rondvliegend personeel in traint. In mijn geval simuleerden we het uitvallen van een motor. Geen idee wat ik aan het doen was, maar het toestel brak bij het landen nog net niet in tweeën. Gesimuleerd weliswaar, maar het voelde levensecht.

Maar waar het allemaal om draaide: het bierfeest natuurlijk. Met name in de weekends staan mensen om negen uur 's ochtends al rijendik en in vol ornaat te wachten totdat ze naar binnen mogen. Mannen in Lederhosen, vrouwen in Dirndl - klederdracht die vooral de laatste tien jaar erg populair is geworden, vooral onder de jongere bezoekers. Verklaring: hang naar traditie, trots op die Heimat, etc. etc. Ons gezelschap ging gekleed in roze ruitjesoverhemden met het Lufthansa-logo op de kraag, een enkeling had zich in een onflatteuze leren kniebroek gehesen. Enkele constateringen:

1. De eerste liter bier duurt het langst.
2. Na drie keer kun je het min of meer onverstaanbaar gezongen 'Ein Prosit' fonetisch prima meezingen.
3. Dat lied komt om de vijf minuten terug dus na ongeveer een uur is het gebruikelijk er dansjes bij in te studeren.
4. Na nog weer een uur lukt dat niet meer.
5. Wij zaten boven, op een soort balkon. Het uitzicht op de zaal beneden is bijna middeleeuws. In klederdracht gestoken personeel sjouwt enorme schalen gebraden hanen langs de meterslange tafels, de gasten gaan die beesten met mond en klauwen te lijf.
6. Tijdens het bachanaal komen ook kaaspretzels, augurken, worst en radijsjes voorbij.
7. De muziek: een kakelbonte aaneenschakeling van schlagers, verhoempade top40-hits, tunes van kinderseries als Heidi en Die Biene Maja, op het eerste gehoor lukraak gejodel, plus elke vijf minuten dus Ein Prosit.

Na 3,5 pul bier hielden we het voor gezien. Anderen gingen nog op zoek naar de champagnetent en keerden later terug naar 'onze' bierhal, waar het feest nog doorging tot elf uur 's avonds. En zo gaat het dus elke dag in al die tenten - nog tot en met het weekend van 3 oktober.

Volgend jaar weer? Dat niet. Maar lollig was het wel, het gehos op foute muziek. Jodelahitie!

donderdag 19 augustus 2010

Diamanda Galas, demoon uit mijn verleden


Ze was alweer jaren van mijn muzikale radar verdwenen, maar dankzij Facebook kwam ik opnieuw op het spoor van Diamanda Galas. Alweer achttien jaar geleden hoorde ik voor het eerst van deze Griekse avantgarde-artiest.

Diamanda heeft een bereik van vier octaven en zingt in het Engels, Frans, Italiaans of Spaans. Daarnaast is ze een virtuoos pianist. Tot zover zou je nog kunnen denken: goh, leuk, ik zal haar eens opzoeken op YouTube. Maar dan kom je dit tegen:



Diamanda Galas breekt door in Frankrijk, met een politiek geëngageerde opera. Het is dan 1979. In de jaren daarna ontwikkelt ze zich als solo-artiest en maakt ze zich de Schrei eigen - een aan het Duitse expressionisme ontleende vorm van zingen. Of krijsen, liever. Daarbij gaat ze te werk met vier microfoons tegelijk, met effecten als echo en vertraging tot gevolg.

Haar debuutalbum is een bewerking van een gedicht van Charles Baudelaire, een performance die rauw en hysterisch is. Daarna volgt een trilogie waarin ze zich verzet tegen de wijze waarop de politiek omgaat met de aids-epidemie die midden jaren tachtig om zich heengrijpt. Titels als The Masque of the Red Death, The Divine Punishment en You Must be Certain of the Devil zeggen genoeg.

De talenten van Diamanda Galas komen bijeen tijdens haar live-optredens. Met haar haakneus, haar hoekige gezicht en ravenzwarte haar ziet ze eruit als een heks die voorgaat in een hoogmis. Met bizarre gewaden en liters nepbloed zet ze een tamelijk schokkend sfeertje neer. De muziek: minimalistische zweepslagen, afgewisseld met elektronisch gezoem. Haar stem bezwerend: de ene keer grijpt ze je bij de strot met beklemmend gefluister, dan weer door zo hard te krijsen dat het door merg en been gaat. Daar bovenop laat Diamanda horen dat ze ook nog in tongen kan spreken, zoals ze dat in de bijbel noemen. Het is een vormloos, hysterisch gekakel dat nog het meest lijkt op dat van een kalkoen die weet dat hij de kerst niet haalt. Zoiets bevreemdends, zelfs verontrustends zul je zelden hebben gehoord.

Het hoogtepunt uit de carrière van Galas vormt het album Plague Mass. Dit is een registratie van zo'n verontrustend optreden.



Vanaf de jaren negentig is de zangeres zich gaan toeleggen op toegankelijker werk. Zonder daarvoor overigens haar bizarre stemgebruik opzij te zetten. Luister bijvoorbeeld naar haar uitvoeringen van I Put a Spell on You (dat al langer op haar repertoire stond) en de Supremes-cover My World is Empty Without You.







De laatste jaren legt Galas zich meer toe op blues, spirituals en andere roots-muziek, waaronder zelfs country. Het puur demonische is uit haar stem verdwenen, maar nog altijd is Diamanda Galas een klasse apart.

En voor wie het bovenstaande allemaal niet trekt: hieronder de absolute tegenpool. Van die andere zangeres die zich zo inzet voor de gays...

woensdag 23 juni 2010

Scissor Sisters doen Kylie

Terwijl Kylie voor de zoveelste keer probeert weg te komen met een slap dansnummer, maken de Scissor Sisters er een Dolly Parton-achtige country-klassieker van. Hun versie van All The Lovers is véél leuker!

maandag 14 juni 2010

Vragen, vragen, vragen. Wie weet het antwoord?

Waarom bestaat er geen 'Laatste Waarschuwing Kattengif'? Een van de buurtkatten hier heeft de carport ontdekt als ideale plek om zijn behoeftes te doen. Op zich is het wel een nette kat: hij dekt z'n boodschap (meestal pis, soms kak) netjes af met de deurmat. We hebben dat vieze stinkspul Kattenschrik al geprobeerd, nu doen we een poging met kiezels en citroenplanten. Maar als dat ook niet helpt: gif! Geen doodmaakgif, maar hetishiernietpluisgif. Bestaat dat?

Ik heb nog eens nagedacht over Alejandro, het nietszeggende Ace of Bass-deuntje waarmee Lady Gaga waarschijnlijk wil laten zien dat ze ook over een lichtvoetige kant beschikt. Dus, waarom maakt ze er dan een video bij die uitblinkt in duisternis? Vol nazi-symboliek, rauwe onsympathieke beelden en zogenaamde dubbele bodems? Liever had ik een over the top gestylede video gezien vol kleurrijke beelden, geregisseerd door David LaChapelle. Denk Army Of Lovers, 'Crucified' of 'Obsession'. Had ik veel leuker gevonden. Het shock-and-awe truukje van Gaga wordt wel erg eendimensionaal, vindt u niet?



Gisteren op tv: eerst staat een cosmetisch chirurg aan de voorhuid van een dikke, bejaarde man te kloten waarbij het betreffende geval vol in beeld komt. Inclusief bloed en snijwonden. Nog geen half uur later ligt een mevrouw met haar reet omhoog, terwijl ze in een manisch ritme genomen wordt door een apparaat dat Robotic Erotic heet. Een neukmachine dus. Daarvóór zag ik al zappend hoe Dennis Storm bij BNN met z'n vingers in een realdoll zat.
Soms verlang ik terug naar de tijden dat mensen nog onbekommerd plaatsnamen in een bad vol bruine bonen. Of naar iemand die met een uitgeholde aubergine om z'n snikkel indianengeluiden stond te maken in een Blokker-wigwam. Menno Buch, waar zit je?

Wat is er geworden van Massara? Je kent ze wel (of hoogstwaarschijnlijk niet): een italodisco-act uit de jaren zeventig die scoorde met het lied Margherita, dat onlangs nog werd geremixed door de onvolprezen dj Todd Terje. En klinkt het lied je bekend in de oren: het is 'groot' geworden in een gruwelijke verkrachting van Boney M, die het 'Felicidad' noemde. Het origineel is stukken beter, maar Massara bleef een eendagsvlieg. Is dat oneerlijk?

En waarom kost een loungebank bij Intratuin of TaanSintrum Osdorrup honderdduizend euro terwijl je ze op internet voor 750 euro kunt bestellen?

dinsdag 25 mei 2010

Joanna Lumley bij Graham Norton

Zet een groep gays bij elkaar en al snel vliegen de oneliners over tafel. Het is alweer achttien jaar geleden dat het eerste seizoen op tv was, maar nog altijd kennen we complete afleveringen van Absolutely Fabulous uit ons hoofd. Bij het zien van een glas bubbels is het daarom altijd 'Champagne for Lulu!' en bij het uitdelen van kauwgom of mint 'Give the drugs to Patsy!'

Zaterdagavond zat ik in het gloednieuwe entertainmentcentrum Viage, ergens in Brussel. We kregen een diner voorgeschoteld op een ingewikkeld servies in een casino. Wat begon met AbFab, eindigde in een avondvullende dialoog waarin alle hoogtepunten uit de Britse humor aan bod kwamen. Zo bleek een van de aanwezige Britten Dawn French en Jennifer Saunders te hebben geïnterviewd. Vooral Dawn was geliefd, en over Jennifer wist hij te vertellen dat de scripts voor AbFab eigenlijk helemaal geen scripts waren, maar kladderige aantekeningen die ze op weg naar de opnamen had gemaakt. Dat het altijd goed kwam was te danken aan het acteertalent en de humor van haar, maar vooral van Joanna Lumley. Hierop bracht ik een fragment ter sprake uit de Graham Norton Show, waarin het gaat over de prachtige stem van Joanna. Wat volgt is een hilarisch staaltje live tv, dat begint op 5m15s.