Posts tonen met het label Herinnert u zich deze nog-nog-nog?. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Herinnert u zich deze nog-nog-nog?. Alle posts tonen

zondag 25 november 2012

Bizarre jeugdherinneringen

Waarom kan ik me bijna niets meer herinneren van leuke verjaardagsfeestjes uit mijn jeugd, maar wel heel veel vreemde andere dingen? Gek hoe je kindergeheugen werkt als een zeef die zogenaamde hoogtepunten laat glippen en totaal onbelangrijke details in je hoofd laat rondspoken. Want waarom weet ik bijvoorbeeld nog dat ik, een jaar of negen, achter mijn vader aanliep in de Haagse Panorama Mesdag, bedelend om een smartiedrol? Juist, met een d, al ging dat per ongeluk. Dat wist ik zeker en dat weet ik nu nog, maar het lukte me keer op keer niet het woord normaal uit te spreken. Niet gek dat mijn vader mijn verzoek compleet negeerde.

Een andere herinnering gaat over het broertje van een jongen uit mijn klas, dat niet kon poepen. Er mankeerde iets aan zijn darmstelsel of in ieder geval aan de ontknoping daarvan. Zijn rectum moest daartoe worden opgerekt. Of dat operatief ging of door middel van oefeningen, vertelt mijn herinnering er niet bij. Wel dat hij meerdere keren naar het ziekenhuis moest. Mijn moeder had hem daarom een kaartje gestuurd met op de achterkant de vraag: 'Ben je nu op de helft?' Ik kreeg daar behoorlijk enge associaties bij.

Nog één in het genre kinderziektes. Een meisje op school had een groot gat in haar arm, ter hoogte van haar elleboog. Er zat zwart spul op. Nu denk ik teerzalf of iets anders, toen dacht ik dat zoiets uit je lichaam liep indien dat besmet was. De juf had namelijk gezegd dat we niet aan de wond mochten zitten vanwege infectiegevaar. Dus dachten we met z'n allen dat ze besmettelijk was. Wat gebeurde er: precies ik moest naast dat meisje zitten. Natuurlijk kwam ik met de wond in aanraking en ik wist niet hoe snel ik naar de wc moest om mijn arm af te spoelen. Ik heb zeker nog een maand mijn hele lichaam gecontroleerd op de uitstorting van enge zwarte sappen.

Nu ik het zo opschrijf zijn het herinneringen die voortkomen uit gene, walging of angst. Of ik me dan niets vrolijks kan herinneren? Jazeker wel. We speelden altijd bij een vriendje op zolder. Daarvoor moesten we over de balken lopen, de vloer zelf was half vergaan. Achterop die zolder stond een grote ijzeren kast. Daarin lag een helm. Opa's helm. Daar speelden we mee, maar ik moest zweren dat ik er nooit iets over zou zeggen. Tegen niemand. Dus dat deed ik dan ook niet. Maar hij stond best leuk, die helm, op mijn blonde, arische kinderhoofdje.

zondag 22 april 2012

A Night with Joan

Het had wel iets van een veredelde powerpoint-presentatie, die Joan Collins afgelopen vrijdag gaf in het Nieuwe De La Mar in Amsterdam. Bij binnenkomst in de zaal stond er op het podium naast een kamerscherm een groot wit doek, waarop in goedkope computerletters 'A Night with Joan' stond te lezen. Eromheen knipperden tientallen gezichten van Joan door de 78 jaren heen. Heel even dacht ik: dat belooft niet veel goeds.

Vlak daarvoor stikte het in de foyer al van de Vanessa's, Gordons, Maik de Boers en Bouvrietjes. De 'sterren'vielen echter nauwelijks op, want ze werden in drommen omringd door alle homo's van Amsterdam - op een paar na. In de zaal zaten we links naast Christine Kroonenberg (die in het echt nog bruiner is dan de ook aanwezige Patty Brard). Rechts stommelde een omaatje de trap op dat leek op de moeder van Marijke van Helwegen (uiteraard ook in de zaal) en het eeuwig in cellofaan verpakte levende kunstwerk Fabiola. Alleen Hans Klok was er niet, maar die had op Facebook al laten weten dat hij zaterdag ging.

En ineens stond ze daar. Joan Collins. Het publiek sprong als één man omhoog en gaf haar een minutenlange ovatie. Joan ging gekleed in een zwarte, schouderloze top en droeg een al even glimmende strakke zwarte legging. Een cameltoe met glitters, constateerden we al snel. Mijn goede vriendin Judith constateerde dat je op bepaalde leeftijd beter geen cameltoe meer kunt laten zien, maar goed: alles voor de kunst.

Het kunstje van Joan bestond eruit dat ze losjes over het podium zwierend anekdotes opdiste uit haar lange carriere. Nu is opdissen niet het goede woord, want voorlezen dekt beter de lading. Geholpen door een onzichtbare autocue leek het alsof ze haar eigen Wikipediapagina voordroeg, hier en daar voorzien van een goed getimede grinnik of een rake oneliner. Ze moest er even inkomen, maar het duurde niet lang of ze had de zaal in haar greep. Op het diascherm toonde ze beelden uit haar verleden. We zagen haar worstelen met een reuzenmier en later met Krystle, haar aartsvijand in Dynasty.

Over haar privéleven liet ze maar weinig los. Geen dirt over haar affaire met Warren Beatty of andere Hollywoodfiguren, maar keurige belevenissen met haar echtgenoten die al even keurig genummerd werden: 'And that was husband number three!'

Het ging dus vooral over die hele lange carriere, die begon met spektakelfilms en dreigde te eindigen in allerlei b-garnituur met bijvoorbeeld die mieren. Samen met zus Jackie broedde ze op een comeback, namelijk die van überbitch. Toen Aaron Spelling dat zag, ontstond Alexis Colby en de rest is geschiedenis.

Het is een beetje onduidelijk hoe het komt dat Joan nog altijd zo'n megaster is dat ze met gemak 10.000 euro durft te vragen voor een interview. Na Dynasty raakte haar carriere versnipperd en was ze slechts sporadisch op tv te zien. Vaak gaat het er alleen maar over hoe goed ze er nog uitziet, voor iemand van 78. En dat doet ze ook. Na de pauze praalde ze in een prachtige glamourjurk en reageerde ze een stuk minder gescript op enkele vragen vanuit het publiek.

Voor we het doorhadden was het alweer voorbij. Het was een vermakelijke avond die voor de vips nog even doorging met een afterparty, waar Jeroen Krabbé nog even met Joan op de foto ging. Wat ze van het Amsterdamse publiek vond? Warm, goedgekleed en welbespraakt, zo twitterde ze de volgende ochtend. Wel was ze slecht te spreken over de vipservice van de KLM: aan boord was alles prima, maar dat ze in een BUS naar het hotel werd vervoerd? Daar had ze sinds haar vijftiende niet meer ingezeten.

Je bent een diva of je bent het niet, natuurlijk.

dinsdag 7 februari 2012

Koffie! Koffie! Tijjjjjjd!



Speciaal voor de Elfstedentocht wordt Koffietijd voor één keer gepresenteerd door het oude vertrouwde duo Hans van Willigenburg en Mireille Bek-Ooi. Gewoon omdat dat gezellig is, én omdat ze dat in 1997 ook deden natuurlijk.

M: 'Goedemorgen Hans!'
H: 'Dag Mireille. Wat zie je er weer betoverend uit met je dunne blonde haar!'
M: 'En jij straalt, Hans!'
H: 'Ja Mireille, ik heb weer heerlijk geslapen vannacht, onder mijn zonnebank.'
M: 'Over zon gesproken, wat voor weer wordt het vandaag?'
H: 'Echt schaatsweer, Mireille. Speaking of which. Weet jij wie we vandaag te gast hebben?'

Erben Wennemars en Erik Hulzebosch komen binnengekluund.

M: 'Bart Veldkamp en Evert van Benthem. Wat leuk!'
H: 'Bijna goed, Mireille! Het zijn Erben en Erik.'
M: 'Ook enig. Ik herken ze nauwelijks in hun strakke schaatspakken. Hebben jullie daar nu niets onder aan?'
H: 'Wat zijn dat voor vragen, Mireille. Je vergeet het allerbelangrijkste aan ze te vragen!'
M: 'O ja. Hallo heren. Hoe drinken jullie je koffie?'

Erben en Erik drinken geen koffie, maar warme chocolademelk met slagroom.

H: 'Wat fijn dat jullie helemaal naar Balk zijn gekomen om met ons het boodschappenspel te spelen. Wie begint?'
M: 'Bart begint!'

TUUT - Jan Hagel. TUUT - Dubroduizenddingendoekje. TUUT - Lettervermicelli. TUUT - Rookworst. TUUT - Punica. TUUT - Moedermelk. TUUT - Eierstokbrood. TUUT - Oorbotervloot. TUUT!

Erik: 'Ik heb allennig de worst onhoud'n. Kom maar deur! Doe mij d'r moar geliek twieje!'
Mireille: 'Nee, Bart, je moet raden welk woord op welk vakje moet. Dit is het boodschappenspel.'
Erik: 'Ik ben hier veur te skaats'n! Niet veur de boodskapp'n. Mar nou je d'r over begunt: ik mot een kleine boodskap. Kan ik hier ee'm mieg'n?'
Mireille: 'Wat is het hier weer een gezellige chaos, he Hans?'

Hans loopt met zijn teckel naar een enorme taart in de hoek van de studio.

H: 'Het is weer tijd om iemand in het zonnetje te zetten. En dan bedoel ik niet mijn eigen bruine hoofd. We lopen even naar de Koffietijdtaarrrrrrrrrrrrrrrrrrtttt!
M: 'Het zal mij benieuwen. Wie kan dat zijn? En hoe drinkt zij haar koffie?'
H: 'Zij drinkt helemaal geen koffie. Haar tere maagje verdraagt slechts gezuiverd water. Want hier is de mascotte van de Elfstedentocht 2012: Doutzen Kroes!'
M: 'Hai Doutzen. Hoe doe jij dat toch. Zelfs bij min vijf is je haar niet statisch. Dat van mij is al futloos bij plus twintig.'

Terwijl Mireille haar vraag stelt, lopen Hans en Doutzen gezamenlijk een wak in. Hans wordt op het nippertje gered door zijn teckel. Doutzen verdwijnt onder het ijs en sterft.

M: 'En het beloofde zo'n mooie Elfstedentochtdag te worden! Nou ja, snel verder maar weer met het recept van de dag. Raya Lichansky, wat eten we vandaag?'

Raja: 'Snert! Het is net als altijd heel eenvoudig. Trek een blik open, kiep dit leeg in een pan die groot genoeg is en laat deze op een matig vuur warm worden. Dát eten we vandaag!´

M: 'En terwijl Hans langzaam ontdooit gaan wij even naar de boodschappen!

Koffie! Koffie! Tijjjjjjd!

zondag 15 januari 2012

Zweedse meisjes

Ik studeerde journalistiek. Hoe we precies op een studentenbeurs beland waren weet ik niet meer, maar voor we het wisten hadden Nina Rosa en ik ons opgegeven als mentor voor buitenlandse studenten. En waarom we dat deden weet ik ook niet meer. Onder parallelle omstandigheden hadden we er nooit meer van gehoord en waren we direct vergeten wat we nu weer gedaan hadden. Maar nog geen maand later waren Nina Rosa en ik de onwennige ouders van twee kersverse mentorkinderen.

Zweedse meisjes waren het, Jessica en Jenny. We stelden ons voor hoe ze eruit zouden zien: allebei blond, de haren in vlechten of staartjes en allebei op z’n minst in een rok met een zwierige petticoat eronder. Erboven zo’n bloesje met pofmouwen zoals je ze kent van zonovergoten zomerweiden op posters die Zweedse natuurtaferelen moeten voorstellen. Het zouden twee vrolijk giechelende meisjes zijn, die we maar wat graag de weg naar het postkantoor zouden willen wijzen. Want dat stond in de taakomschrijving van ons mentorschap: de meisjes wegwijs maken in het gevaarlijk drukke Utrecht. Ze zouden niet alleen vrolijk zijn, maar ook verlegen en een beetje verdrietig van de heimwee. Met kopjes thee en kaakjes konden we ze liefdevol troosten als ze daar na een dag hard studeren aan toe waren.

We hadden afgesproken onder het beroemde blauwe klappertjesbord op Utrecht Centraal. Het meeting point puilde uit van de mensen, maar welke zoekende blikken de onze ook kruisten: nergens keken vier blonde poppenogen ons aan. Wel stonden er opeens twee grote kortharige vrouwen voor ons. De een had sproeten die overgingen in vuurrood piekhaar, de ander zwarte krullen die uit haar brutale gezicht sprongen. Enthousiast klampten ze ons aan: ‘Our new Mummy and Daddy!’

Onze droom lazerde in duizend stukken uit elkaar. Exit lieftallige meisjes, enter twee brutale vrouwen die zich op hun beurt verbaasden over ónze schattigheidsfactor: ik had waarschijnlijk witgeblondeerd haar en Nina Rosa droeg vast haar lange zwarte avondjurk. Het doel van Jenny en Jessica's reis was snel duidelijk. Ze schreven een thesis over het softdrugsbeleid in Nederland. Hoewel ze zelf niet per se van de jointjes waren, kon je de coffeeshop naar ze horen lonken.

Aanvankelijk hielden we het contact vrij zakelijk, door ze direct naar het postkantoor te sturen. Dat moest immers. Maar al snel bleven Jessica en Jenny plakken in het Lombokse studentenhuis waar Nina Rosa haar kamer had. De weken daarna namen we ze steeds vaker op sleeptouw, als we het Utrechtse nachtleven afstruinden. Meestal begonnen we in de Wolkenkrabber, een smal pijpenlaadje waar gays en lesbo´s de boventoon voerden.

En daar gebeurde het. Jessica had bepaalde ideeën over Nederlandse mannen en die moesten op de een of andere manier gecheckt worden. Ze had daarom wat Nederlandse zinnetjes geleerd om indruk te maken op de heren. Gefrustreerd over het feit dat ze alwéér in een gaybar stond, besloot Jessica dan maar een homo te versieren. Ze legde haar been in haar nek (want dat deed ze nou eenmaal), haalde dat been weer los, liep vervolgens naar de bar en zei tegen de eerste de beste jongen: ‘Ik wil jou aanraken, niet aanranden.’ De schrik in de ogen van die arme jongen zal ik niet snel vergeten.

Tussen de Nederlandse mannen en Jessica is het nooit wat geworden.

woensdag 11 januari 2012

Mediacircus


Het Groot Lexicon der – bijna – Vergeten Bekende Nederlanders. Met een naam die klinkt als een klok begonnen Roelof en ik alweer anderhalf jaar geleden aan een megalomaan project. Een allesomvattend overzicht moest er komen van ALLE bekende Nederlanders die bijna vergeten zijn. Voor iedere gedoofde ster moest gelden dat het de gemiddelde Onbekende Nederlander een ahaaa-moment zou opleveren. Wie was Amanda Spoel ook alweer? Leeft Fred Emmer nog? En hoe gaat het nu met Jody Bernal?

Al snel hadden we een lijst met achthonderd namen. Van obscure figuren als Hansje Ravenstein en Joekie Broedelet tot presentatoren als Rolf X. Wouters en Frank Masmeijer, die iedereen nog wel kent maar al jaren uit beeld zijn verdwenen. Na de zomer gingen we van start. Op de website Lichtuitspotuit.nl verscheen vanaf augustus dagelijks een Bijna Vergeten BN’er. Dat het aansloeg, was te merken aan de reacties op Facebook en Twitter. Bijna dagelijks stroomden de verzoeken binnen. Sommige tweeps stuurden zelfs complete Word-documenten met tientallen suggesties. Het werkdocument – met als titel Tetske’s Ossewaardeparadijs – wordt nog wekelijks aangevuld met nieuwe namen.

We hadden een eenvoudig Tumblr-blogje in elkaar gehackt. Dat moest professioneler. Goede man Niels werd ingeschakeld, die tijdens de kerstdagen vanuit Australië een slick ogende site optuigde. Op 2 januari gingen we live. Voor een stukje extra publiciteitsbeleving stuurden we een persbericht de wereld in.

En toen ging het los. Diezelfde middag werd ik gebeld voor een interview in het AD. Een dag later belde De Pers en weer een dag later stond er een verhaal in het Parool. Best grote stukken ook nog. Inmiddels was Roelof te horen geweest in de bestbeluisterde ochtendshow van Nederland, bij 3FM en bij QMusic. Zelf kwam ik in de uitzending bij BNN Today op Radio 1 en bij Prem in zijn ochtendshow, ook op Radio 1. Verder haalden we verschillende websites, en ook nog de VPRO-gids.

Naarmate de week vorderde naderde ons mediacircus zijn climax. Vrijdagmiddag was ik bijna twintig minuten te horen op Amsterdam FM (zie uitzending vrijdag 16.00 uur), maar het absolute hoogtepunt was de uitzending van Spijkers met Koppen van afgelopen zaterdag (luister vanaf 13.10 uur). In een afgeladen café (er zat een paar honderd man klapvee) werden Roelof en ik aan de tand gevoeld over sterren als Dodi Apeldoorn, Marceline Schopman en Rebecca Loos. Het werd onbedoeld hilarisch toen Roelof presentator Felix Meurders alvast op de lijst zette voor het Lexicon. Het werd onbedoeld ranzig toen ik de anekdote over Rebecca Loos en een varken oplepelde. Dolf Jansen: ‘Zeg je nou dat Rebecca Loos een varken heeft afgetrokken?’ ‘Eh, ja?’ Felix Meurders: ‘Daar geloof ik niks van!’ Ik: ‘Het is echt waar, er zijn beelden van!’ Roelof: ‘En dat is allemaal te zien op Lichtuitspotuit.nl!’

Tot zover onze fifteen minutes of fame. Overigens zijn er ook beelden van ons te zien. In SBS Shownieuws. Het zou een item worden van een paar minuten, maar we zijn teruggesneden tot ongeveer twintig seconden. Niet met je ogen knipperen dus.

Wie weet wat er nog volgt. We hopen op een boek, een scheurkalender, een bord- of een kwartetspel. En op nog meer fanmail van BN’ers. Tot dusver hebben alleen Tetske van Ossewaarde en Ronnie Tober iets van zich laten horen, waarvoor dank ;-).

O wat is het toch fijn om een mediahoer te zijn!

vrijdag 27 mei 2011

De ongekende jarentachtig-luxe van Dynasty

Ik zit dus al ruim een week vastgezogen in een Dynasty-tornado. Vijf seizoenen heb ik besteld, van elk zo'n 24 - 30 afleveringen. Aanvankelijk dacht ik: een of twee afleveringen per week moet lukken. Maar inmiddels spendeer ik er zoveel vrije tijd aan dat ik aan mijn zelf opgelegde verplichtingen als kranten en tijdschriften lezen of mezelf stuktwitteren niet meer toe kom. Maar wat geeft het: inmiddels heb ik er dik anderhalf seizoen opzitten.

Het kijken van Dynasty zorgt voor ernstige flashbacks naar de jaren tachtig. En wat wij mensen ons destijds voorstelden bij termen als 'ongekende luxe.' Die luxe bestond uit lange limousines met chauffeur, met op de achterbank een enorme telefoon. Maar wel eentje met druktoetsen! De gewone mens moest het stellen met een van PTT geleend draaischijfmodel met een krulsnoer. Mensen die de pech hadden dat hun nummer voornamelijk uit negens en nullen bestond, werden veel minder vaak gebeld dan diegenen met enen en tweeën. Want wat duurde dat lang zeg, een nul draaien! Vaak vloog je vinger ook nog uit de bocht bij het draaien - dus uit het gaatje - en kon je weer helemaal opnieuw beginnen. Draaaaaaaaaai: tik tik tik tik tik tik tik tik tik tik. Draaaaaaaaaiii: tik tik tik tik tik tik tik tik tik. Nee, dan maar gewoon met pen en papier een brief schrijven.

In Dynasty hadden de families ook massa's personeel rondlopen. Een majordomo genaamd Joseph, een naamloze kok, Jeannette en nog drie huishoudhulpen, de woest aantrekkelijke tuinman slash paardenmanager Tony, Marcy de secretaresse, de eerder genoemde chauffeur natuurlijk. Uiteraard lieten Krystle en Blake alles naar het huis of kantoor komen. Zo lag de pedicure aan het voeteneinde van Krystles canapé en liet Blake zijn haar knippen terwijl hij belangrijke orders inspecteerde.

Thuis hadden we die luxe niet. Niemand die ik kende had dat. Het enige personeel dat bij ons over de vloer kwam was een kraamhulp, als er bij tijd en wijle weer een baby bijkwam. Het waren altijd fris ruikende meisjes die in een handomdraai het hele huishouden omtoverden in een chaos. Na twee dagen hing de keuken vol onnodig vaak gewassen handdoeken, luiers, washandjes en ander textiel dat voorhanden was. Intussen rende zo'n meisje dan achter je aan omdat ze spelletjes met je wilde doen. Waarschijnlijk dacht ik: 'heb jij geen baby te verzorgen of moet je mijn moeder niet helpen?' Maar intussen genoot ik met volle teugen van de privileges van zo'n kindermeisje. Ik liet ze mijn eerste schrijfsels zien, die ze luid kirrend bewonderden. Heerlijk, al die aandacht!

Een ander groot verschil met ons, de gewone mensen, waren de huizen in Dynasty. Alexis had een lift in haar woonkamer. Wij niet (waarschijnlijk ook omdat onze woonkamer zich op de begane grond bevond, maar dat terzijde). Blake en Krystle hoefden alleen maar te gaan zitten en automatisch schoten de dienstertjes toe met een zwaarverzilverde koffiepot uit de Louis Quatorzetijd. Bij ons thuis was het hannesen geblazen met een thermoskan en dubbelklappende filterzakken. Bij ons in de tuin groeiden geen in strakke vierkanten geschoren heesters, maar gewoon gras. En we kregen bij onze geboorte al helemáál geen zilveren rammelaar met onze namen erin gegraveerd.

Nee, wij kenden luxe van een heel andere orde. Namelijk de Astra Bioscoop in Klazienaveen. Het was een bioscoop zoals we die tegenwoordig niet meer kennen, met verschoten pluche stoelen en hoogpolige vloerbedekking. Anno 2011 zou het er muf ruiken, maar in die tijd mocht er gewoon gerookt worden in de zaal. De stoelen zaten dan ook vol brandgaten en bij sommige scènes van 'Three Men In A Baby' (tikfout, maar hij blijft) kon je door de rook de ondertiteling niet eens lezen. Maar wat een heerlijkheid, die bioscoop. Om de twee of drie stoelen zat een buzzer, waarmee je eten en drinken kon bestellen. Het personeel sloop dan naar je toe en noteerde je bestelling. Na wat glasgerinkel achterin de zaal kwamen ze terug met het lekkers: meestal bifiworstjes en waterige cola. Bij het afrekenen ging het altijd mis, waardoor er gedurende de hele voorstelling bezoekers door het gangpad kropen op zoek naar hun kleingeld. Maar wat gaf het: we wentelden ons in het geluk van een eigen bediening, en als je je ogen een beetje dichtkneep was de zaal met z'n houten lambriseringen en met stof beklede wanden nét de balzaal uit de Carrington Mansion!

dinsdag 17 mei 2011

Verlepte glorie - Dana International

Ik ken een stuk of vier transseksuelen in het echt. Dat zijn stuk voor stuk hele leuke meiden. De transen die je op tv ziet daarentegen, dat zijn meestal nichten met hun pik eraf. Kijk maar naar Neerlands troeteltrans Kelly, da's gewoon een relnicht in een goedkope glitterjurk. Een aantal jaren voordat Kelly haar opwachting maakte in het Big Brotherhuis (en waar tijdens de persconferentie voorafgaand aan die entree niemand van de pers haar wilde of durfde te ontmaskeren), had Nederland al kennisgemaakt met Dana International, die min of meer in de Kelly-categorie valt. En laat die nou prompt weer opduiken vorige week, in de voorrondes van het Eurovisie Songfestival (zoals ik het bij wijze van nostalgie hardnekkig blijf noemen).

Dana International. Die naam alleen al. De eerste keer dat Europa haar zag, was in 1998. Ze won het songfestival in een jurk met veren en groeide al snel uit tot een homo-icoon. Een ster ging ze worden, met internationale allure. Ze toerde heel de wereld rond met een repertoire dat bestond uit simpele dancedingetjes als Viva la Diva (het winnende lied), slecht ingespeelde covers (denk aan het genre This Is My Life en It's Raining Men) en tracks die moesten maskeren waar het Dana International aan ontbrak: een prettig stemgeluid. Na vier of vijf van die nasale liedjes wisten de meesten het wel. Niet gek dus, dat Dana's carrière alweer strandde voordat ze het zelf goed in de gaten had.

Afijn. In de tijd dat Dana heel even wereldnieuws was, werkte ik bij sQueeze. Het was de week van de Gay Games en de Eurovisiester verzorgde de openingsact. Uiteraard had sQueeze wel oren naar een interview. Samen met een collega toog ik dus naar het Americain, waar Dana en haar staff een trits kamers had geboekt. En daar lag ze, verveeld en chagrijnig, languit op een bed in een anoniem ingerichte suite. In een roze trainingspak! Oké, het jack hing open dus er was wel degelijk sprake van enige sexyness. Maar niks veren! Niks glamour! Viel dat even tegen. Het hielp ook al niet dat Dana bijna niks interessants had te melden. Een beetje nukkig begon Dana onze vragen te beantwoorden, terwijl ze af en toe een haarlok uit haar decolleté veegde.

Al met al duurde het interview een kwartier want de eikel van de platenmaatschappij (waarom zijn dat zo vaak van die zelfingenomen lulletjes, eigenlijk?) wilde afronden. We pakten net onze opnameapparaatjes in toen Dana uit haar comateuze toestand ontwaakte. Ze sprong van het bed, gaf mij en mijn collega allebei een zoen en riep ineens dat ze het een geweldig gesprek had gevonden. Nou, wij ook, Dana.

Even later stond ze plotseling bij ons in de lift. Ze moest naar boven, maar aangezien wij eerst naar beneden moesten wilde ons wel even 'joinen for a ride downstairs...' En toen zei ze het: 'Mijn kamernummer is 666 (weet ik niet meer, wilde gok) en ik ben daar en daar uitgenodigd. Gaan jullie ook mee? En na afloop ben je welkom op mijn kamer...'

Of ik het gedaan heb? Dat zullen jullie nooit weten!

Ik moest hier ineens weer aan denken toen Dana dus in al haar verlepte glorie ineens weer op tv was vorige week. Overigens is het verhaal dat ik destijds geschreven heb nog altijd op internet te vinden. Zij het in een onmogelijk slecht vertaalde Engelse versie.

dinsdag 26 april 2011

Te vroeg gepiekt: de hipheid van Boo.com

Waarom ik er ineens weer aan moest denken weet ik niet, maar ooit heb ik gesolliciteerd bij Boo.com. In 1998 was dit een van de allerhipste internet-startups, maar Boo.com ging de geschiedenis in als een van de grootste internetflops aller tijden.

Boo.com was van oorsprong een Zweeds bedrijf. De oprichters wilden een wereldwijd platform neerzetten waarop vooraanstaande fashionlabels hun kleding konden verkopen. Het was vlak voor de dotcom-crash en de bomen groeiden tot in de hemel. Er moest dus ook een Nederlandse dependance komen van Boo.com.

Dus ik erheen. Ik werkte op dat moment bij World Online, het bedrijf dat zo'n beetje symbool heeft gestaan voor die dotcom-crash. Maar op dat moment was er nog geen vuiltje aan de lucht. Toen Boo.com op zoek ging naar 'cutting edge' tekstschrijvers bedacht ik me geen moment. Ik schreef een sollicitatiemail, trok mijn hipste outfit uit de kast en ging solliciteren.

Boo.com was een site met een hostess, Miss Boo. Dit was een virtuele dame die je door het assortiment hielp. De site zag er fraai en flashy uit, tenminste: dat was de bedoeling. Maar anno 1998 trokken de meeste computers zoveel techniek helemaal niet. De site opende in een aparte browser die minstens drie minuten nodig had om te laden. Een ander probleem: betalen via internet was destijds totaal niet ingeburgerd. Maar bij Boo.com geloofden ze toen nog heilig in het succes.

De Nederlandse afgevaardigde van Boo.com zetelde in een souterrain ergens op één van de Amsterdamse grachten. De kelder stond vol kartonnen dozen. Natuurlijk zag de Boo-man er ultragestyled uit: hij droeg een paars tuinpak, weet ik nog. Eronder exclusieve gympen. Ik weet ook nog dat ie een kale kop had, een hippe bril en heel veel armbanden.

Zonder me iets te vragen hield hij een fles champagne voor mijn neus. 'Lekker, bubbels, dat praat makkelijker!' En terwijl hij me naar een groot, leeg bureau dirigeerde, donderden de honderden Boo.com-dozen over hem heen. 'Ja, we zitten nog middenin de verbouwing.' Hij keek me aan alsof ik zojuist expres die enorme dozenwand had omgetrapt.

Het gesprek verliep niet bepaald voorspoedig. 'We weten nog niet of het in het Engels moet of in het Nederlands. Hoe is jouw Engels?' Ehm... hak alsjeblieft eerst even een knoop door, voor je mensen uitnodigt voor een gesprek. 'Verder zijn we op zoek naar een funky accountant. Ken jij die toevallig? Het moet niet zo'n suffe kantoornerd zijn die de hele tijd met z'n neus in de boeken zit.' Nee, je zou maar serieus de hele dag alleen met de administratie bezig zijn. Hoe onhip is dat!

Het werd me al vrij snel duidelijk de Boo-man het wiel niet had uitgevonden. Na het tweede glas bubbels vroeg ik hem wanneer een en ander zou worden opgelijnd en wat de rol van de tekstschrijver precies inhield. 'Dat zien we vanzelf. We gaan binnenkort gewoon een keer beginnen.'

Vervolgens hoorde ik wekenlang niets. Mail werd niet beantwoord, de telefoon niet opgenomen. Toen bleek dat Boo.com failliet was. Het moederbedrijf in Zweden had er in achttien maanden tijd maar liefst 135 miljoen dollar van investeerders doorheen gejaagd. Zo ging Boo.com in al zijn hipheid in volle vaart ten onder, met in zijn kielzog honderden andere startups. Maar de champagne smaakte er niet minder om.

woensdag 16 maart 2011

Playlist: Terence Trent d'Arby



'Sweetheart, listen,' sprak hij zacht, doch dwingend. Het waren z'n allereerste woorden. Ik hapte meteen toe. Nog voor hij zich van z'n parlando intro had gekweten was ik verkocht. Terence Trent d'Arby was mijn eerste echte muzikale ontdekking.

De bovenste woorden zijn afkomstig van If You Let Me Stay, de eerste single van een in 1987 volstrekt onbekende zanger. Maar wat had ie een prachtige geslepen soulstem, die het ene moment suikerzoet klonk en het volgende hees en rauw. If You Let Me Stay was een song in de oude soultraditie, compleet met koortjes en scheurende instrumenten. Daarna volgden klassiekers als Wishing Well (met die gortdroge fluit na het refrein, of wat was het!), het aanstekelijke Dance Little Sister en Sign Your Name, een ballad die 24 jaar na dato nog altijd even fris klinkt.





Terence was met z'n strakke jeans, dito hemdje, leren jack en alpinopet een stijlicoon. Ook droeg hij pakken met bolerojasjes, iets waar ik ook nog een tijdje in gelopen heb. Z'n lange haar in vlechtjes, nu en dan samengebonden in een staart. Verder had Terence een body om jaloers op te zijn en in iedere videoclip een ander schatje. Vaak was dat een meisje met een jarentachtigbob, zo eentje waarvan we toen vonden dat dat tuttig stond. Maar terugkijkend denk ik: wow, stijl en klasse! Tot besluit kon Terence ook nog eens waanzinnig dansen en speelde hij piano, gitaar, saxofoon, gewoon alles wat je hem in z'n handen duwde.

Terence was goooeeeed! Z'n debuutalbum was mijn allereerste muziekaanschaf ever. Het cassettebandje ligt nu ergens versleten in een doos. Z'n tapes heb ik natuurlijk allang vervangen door cd's en nog altijd is hij een prominente gast op mijn iPod.

Wat alleen zo jammer was: al in het begin van z'n carrière werd Terence zo gigantisch bejubeld dat ie naast z'n schoenen ging lopen. Tegen iedereen die het wilde horen (of niet) riep hij hoe goed hij was. Z'n volgende album zou een ultiem meesterwerk worden waar helemaal niemand meer omheen kon. Hij noemde dat album Neither Fish Nor Flesh, en dat was een titel die de lading volledig dekte. Inderdaad: een paar lekkere tracks, maar verder was het een overgeproduceerde janboel zonder kop of staart. Ja, hij bespeelde weer zo'n beetje alle instrumenten zelf, van saxofoon tot kazoo, timpani of sitar. En zingen kon ie ook nog. Maar ik vond er niet veel meer aan...

Er volgde nog een aantal middelmatige albums, waarna Terence zijn naam veranderde in Sananda Maitreya. Hij maakt nog steeds muziek, maar niets kan tippen aan dat veelbelovende debuutalbum, Introducing The Hardline, According To Terence Trent D'Arby. En die draai ik dus nog steeds, want het is een van de beste albums in m'n collectie.

dinsdag 1 maart 2011

Ik en John Lennon

'John Lennon nog steeds populair bij kinderen', lees ik bij marketingblog DutchCoywboys.nl. Dat klopt, want ook ik was vroeger fan van John Lennon. Het ging mij echter niet om de muziek, maar om iets heel anders.

Mijn moeder kende John Lennon namelijk in het écht.

Het was maandag, 8 december 1980. Die dag was ik naar school geweest en bij thuiskomst trof ik mijn moeder aan de keukentafel. Daar staarde ze bedroefd naar de radio, waar zojuist het nieuws was uitgezonden dat John Lennon met vijf kogels was doorzeefd. 'Wat is er, mamma? Waarom ben je verdrietig?' Ze legde me uit dat er een Beroemde Zanger was die nu niet meer leefde omdat hij was vermoord. En dat ze daarom erg verdrietig was.

Met mijn zesjarige voorstellingsvermogen was ik in één klap onder de indruk. Mijn moeder! Kende een Beroemde Zanger! Die ook nog eens op gruwelijke wijze was vermoord! Hóe mijn moeder hem kende deed er niet toe, maar dat er een band bestond was duidelijk: ze was natuurlijk niet voor niets zo verdrietig.

Glunderend van trots vertelde ik iedereen die het wilde weten dat er een Beroemde Zanger - DIE MIJN MOEDER KENDE! - was vermoord. De volgende dag was ik nog zó vol van dit gegeven dat ik de krant spelde op zoek naar informatie over de band tussen John Lennon en mijn moeder. Hoe waren ze bevriend geraakt? Werd ze genoemd? Hadden ze een verleden samen waar ik niets van wist? En als John Lennon een Beroemde Zanger was, dan had ik op z'n minst een Beroemde Moeder!

Ik was behoorlijk teleurgesteld toen ik las dat wereldwijd miljoenen moeders het nieuws op dezelfde wijze hadden ondergaan als die van mij. Maar toch: even voelde ik mij heel bijzonder.

donderdag 24 februari 2011

Crush: Cee Farrow



Een ontzettende eendagsvlieg, helaas. Maar wat een hit.

dinsdag 28 december 2010

Jason Donovan

Ik moest er altijd een beetje van braken, van het zoetsappige gekweel van Jason Donovan. Hij speelde net als Kylie Minogue in het eeuwigdurende Neighbours en zong precies dezelfde Stock Aitken & Waterman-liedjes als haar, die overigens weer even identiek klonken als de hits van Donna Summer, Rick Astley, ja wie niet in 1989. Zelfs Cliff Richard en Debbie Harry brachten Stock Aitken & Waterman-troep uit.

Maar waar Donna Summer langzaam van de radar verdween en Rick Astley ineens, waar Kylie zichzelf opnieuw uitvond als indie-zangeres, daarmee mislukte en terugkeerde als dansdeuntjesdiva, bleef het met Jason altijd aanmodderen. Hij sloeg een pleefiguur toen hij The Face aanklaagde omdat het fameuze popblad beweerde dat hij homo was. Daarna speelde hij een homo in een musical, en nog een, en een travestiet, en dat was het dan.

Was het zijn vlakke stem waardoor hij niemand meer opviel? Zijn saaie voorkomen? Zijn veel te snel verdwijnende jongenstrekken? Ja. Allemaal ja. Maar Jason blijft het proberen. Met zijn vroomste huisvadertronie staat hij op de cover van zijn nieuwste album, dat een eerbetoon moet heten aan de jaren tachtig.

Nou heb ik dat album natuurlijk meteen gedownload. Mijn iTunes sprong spontaan op slot, want wat ik hoorde was inderdaad nauwelijks te geloven. Nu hadden tracks als 'I Just Died In Your Arms Tonight' en The Cars' 'Drive (Who's Gonna Take You Home)' al last van de tand des tijds, maar Jason heeft het klaargespeeld dat soort middle of the road-ellende nóg vlakker en makker te laten klinken. Hoe krijg je het voor elkaar!

Het ultieme dieptepunt is 'Everybody Wants To Rule The World', met muziek die letterlijk uit een karaokemachine komt. Of nee, 'Right Here Waiting' is nog erger. Je gaat bijna terugverlangen naar die slechte oude tijd...



Ik zeg: control+alt+delete!

donderdag 23 december 2010

Strawberry Skies

Had zó in het overzicht van beste muziek uit 2010 gekund, deze track van Games. Van het label Hippo's in Tanks. Games klinkt in Strawberry Skies precies als Propaganda, je kent ze wel: van Dr. Mabuse, Duel (eye to eye) en P-Machinery.



En zo ben ik nog wel meer highlights vergeten. Maar die volgen de komende weken wel, onder het mom van leuke nieuwe muziek.

woensdag 15 december 2010

Een flamenco-dansje met Brigitte Bardot



Vergane glorie, roept de één. Een natuurlijk oud geworden diva, zegt de ander. Gisteravond was Brigitte Bardot op tv. In een documentaire, uitgezonden door de Avro, blikte ze terug op haar carrière. Maar de werkelijke reden van het tv-portret was dat ze nog eenmaal een vuist wilde maken tegen dierenleed, nu het nog kon.

In de jaren vijftig en zestig werden de mensen wild van BB. Vanaf de seventies werd zij zo chagrijnig van al die mensen dat ze zich terugtrok in haar eigen dierenrijk. Geen films meer voor Brigitte, ze vertoonde zich alleen nog in het openbaar om op de bres te springen voor babyzee-, ketting- en zwerfhonden en ander dierlijk ongenoegen.

Blijkbaar kon de 74-jarige Brigitte Bardot heel wat eisen stellen aan de makers van de documentaire. Zo bleef ze geheimzinnig over het lot van haar zoon, die zij op jonge leeftijd min of meer in de steek had gelaten. Het enige dat ze over hem kwijt wilde was dat ze hem al heel lang niet meer had gesproken, sinds het verschijnen van haar autobiografie Initiales B.B., tien jaar geleden.

Een ander aspect van haar leven werd compleet genegeerd: haar politieke voorkeur. Ja, Brigitte vertelde dat ze de meeste mensen haat. Mensen zijn in haar ogen door en door slechte wezens. Maar die haat zat ooit zo diep geworteld dat ze sympathiseerde met de rechts-radicale ideeën van Jean-Marie le Pen en zijn Front National.

Is Brigitte Bardot daardoor een slecht mens? Het is niet het beeld dat je krijgt na het bekijken van de documentaire. Nog altijd trekt ze fel van leer tegen dierenellende, maar tegenwoordig moet ze er een beetje bij huilen. En als je haar ziet voortstrompelen op haar krukken roept dat vooral medelijden op.

Toen ze zich helemaal aan het eind van het tv-portret tijdens een persconferentie liet verleiden tot een Flamenco-dansje, was dat vooral ontroerend.

Overigens heb ik een cd-box met liedjes van Brigitte Bardot, die ik regelmatig draai. Echt een zangtalent is het niet, maar je weet hoe dat gaat met Franstalige zuchtmuziek: dat klinkt vooral ontwapenend...





vrijdag 10 december 2010

Computer nummer drei



France Gall, in het Duits. Met een lied over computerdating. Uit 1968.

dinsdag 19 oktober 2010

Katja en haar lasercomputer

Eens, lang geleden, maakte Katja Schuurman reclame voor een computermerk genaamd Laser. Dat resulteerde in een reeks hits, waarin Katja net deed alsof ze een relatie aanging met de computer, met allerlei tenenkrommende teksten tot gevolg die vijftien jaar later nog steeds door m'n hoofd spoken.

Het begon met 'Maar nu heb ik er één', waar Katja's sexy, hese (lees: beperkte) zangstem voor het eerst solo te horen was. Hierin zingt ze dat haar oude computer een beetje sloom en traag werd, maar gelukkig kreeg ze er nu een die precies weet hoe het moet, die er altijd voor haar is en die alles voor haar doet.



Iets jongs, moderns en ook nog heel veel snellers. Tja. Dat kan beter, moet Laser Computer gedacht hebben. Ze kwamen op de proppen met Wereldmeid, een ballad waarin Katja zingt dat haar computer haar veranderd heeft van een provinciaal tutje in een vrouw van deze tijd, een meid die alles durft, een echte wereldmeid. En al in 1996 was Katja haar tijd al ver vooruit door haar Lasercomputer te gebruiken als een TomTom avant la lettre: "ik wist echt heg nog steg, maar hij weet de weg. Hij maakte me vrij, hij gaf de wereld aan mij." En: "Hij laat me alles zien, hij is voor mij een tien." Dat is toch om jaloers op te worden? Zo'n vriendje willen we allemaal wel!



Hoorden jullie dat inbelmodem, helemaal in het begin? Mooi hè? Het was een jaar later dat Katja op zoek ging naar een nieuwe Laser. Ze had hem al een tijdje in de gaten en wist: die hoort gewoon bij mij. En toen was het zover: "Ik zag je, ik wou je, ik heb je, ik hou je, naar jou heb ik zo lang gezocht. Ik ben totaal verkocht." Katja droeg in die tijd haar haar in slierten met paarse en rode linten erin. Een beetje luizig misschien, maar nog steeds sexy.



Het mooiste compliment dat je een computer kunt maken komt uit dit lied: "Jij bent zo goed gebouwd!"

Aan alles komt een eind. Niet lang daarna ging Katja weer analoog en ruilde ze haar Lasercomputer in voor de oude, vertrouwde Gouden Gids. Jammer vond ik dat. Technisch gezien was dat toch een stap terug. Toch fijn dat ene Robert de moeite heeft genomen net zolang met zo'n loeizware gids rond te zeulen tot hij Katja in het echt tegenkwam:

maandag 18 oktober 2010

De klysma-fontein van Leigh Bowery



Hoe val je op tijdens een bruiloft vol sketches, liedjes, stukjes en alfabetten? Met een klysma-act, dachten wij. En dan niet de suffe kliedertoestand waarmee Patty Brard zich ooit voorgoed voor schut zette, maar het échte werk. Die week ervoor had ik een verhaal gelezen over Leigh Bowery, het Britse clubfenomeen dat in de jaren tachtig de aandacht trok met zijn klysma-fontein. Men neme een liter Histor Levend Wit en een trechter. Vervolgens beklim je het podium van een dancing of middelgroot theater, buigt voorover met de rug naar het publiek en tadaa: spuiten en sproeien maar.

Uiteraard hebben we de act niet opgevoerd. Maar toen ik vorige week vertelde over Leigh Bowery, bleek niemand uit mijn gezelschap ook maar een vermoeden te hebben wie of wat Leigh Bowery was. Leigh Bowery dus. Levend kunstwerk dat taboes doorbrak. Leigh, die door Boy George ooit werd omschreven als 'moderne kunst op pootjes', brak in januari 1985 door met zijn eigen clubnight, genaamd Taboo. Al snel groeide deze avond uit tot de Britse tegenhanger van New York's Studio 54. Bowery was niet alleen bedenker van de avond, maar ook performance artist, fashion designer, acteur en model.



Gaandeweg de eigthies ging Bowery zich steeds extravaganter kleden en gedragen. In wezen is Lady Gaga kattenpis vergeleken met de bizarre, kolossale outfits waarmee deze artiest zich continu bleef vernieuwen. Begin jaren negentig scoorde hij zelfs nog een klein hitje in Nederland met de single Useless Man, met Minty als de 'sickest band in the world': ook nu kon Bowery het niet laten bij tijd en wijle het podium onder te schijten - alles in het teken van de kunst. Zijn podiumact bestond daarnaast uit een live-bevalling. Natuurlijk kreeg Bowery aids. In zijn nadagen toonde hij zijn moddervette lijf als naaktmodel en trouwde vlak voor zijn dood in 1994 met zijn hartsvriendin, Nicola Bateman.

Hoewel Bowery zelf vaak riep: 'The only reason I'm here is to make an entrance', heeft hij aardig wat wapenfeiten op z'n naam staan. Zo was hij regisseur van de baanbrekende video voor Massive Attack's Unfinished Sympathy. Verder bedacht hij podiumdecors voor U2 en verschillende modecollecties, waaronder eentje genaamd 'Pakis from Outer Space'.



Op zijn sterfbed sprak Leigh Bowery voor het laatst zijn zieke gevoel voor humor uit. 'Tell them I've gone pig farming in Bolivia', en toen was het klaar. Begin deze eeuw kwam er een musical uit over zijn leven, Taboo geheten. Boy George, op dat moment ook niet meer de slankste, leek als twee druppels water op Leigh.

Hier een tribute-site met enorm veel foto's en video's.